home > discussie > “Wie de nieuwe spelling niet wil, denkt vooral aan zichzelf”

discussie

“Wie de nieuwe spelling niet wil, denkt vooral aan zichzelf”

Ruud Hendrickx, taaladviseur VRT - 26/01/06

In Nederland roepen de media op tot een boycot en Vlaamse uitgeverijen fulmineren tegen nieuwe herdrukken… De kritiek op de nieuwe spelling is er één van de onwetendheid, vindt Ruud Hendrickx, taaladviseur van de Vlaamse openbare omroep. “Consistenter spellen, dáár gaat het om in de Spelling 2005.”


Nederland staat nu al bijna anderhalve maand op zijn kop door de spelling. De kranten roepen op tot een boycot, ja zelfs tot burgerlijke ongehoorzaamheid. En dat om een paar hoofdletters en streepjes.

In Vlaanderen wordt er nauwelijks drukte over gemaakt. Heeft dat te maken met de Vlaamse volksaard? Of hebben wij Vlamingen er gewoon minder moeite mee dat boven ons hoofd over zoiets als spelling afspraken gemaakt worden? Of bekijken we de zaak gewoon nuchterder en zien we vooral de voordelen van de Spelling 2005?

Ik heb geen begrip voor de houding van de Nederlandse kranten. Ik begrijp dat je kritiek hebt op sommige spellingafspraken, maar niet dat je daarom de hele spellingregeling afwijst en het hele Nederlandse taalgebied op stelten zet. Zeker niet als je argumenten meer emotioneel – de nieuwe spelling is lelijk, meneer! – dan rationeel zijn.

Wie nu nog komt aanzetten met kritiek op de regeling voor de tussen-n, komt tien jaar te laat. Iedereen die ook maar even de moeite heeft genomen om de regels van 1995 te bekijken, geeft toe dat die regels veel gemakkelijker toepasbaar zijn dan die van 1954. Wie begreep echt waarom je bessesap en bessenpulp kreeg als je een bes plattrapte? En waarom moesten we vrouwenborst spellen? Toch niet vanwege het noodzakelijke meervoud, neem ik aan.

Je kunt het alleen maar toejuichen dat in de Spelling 2005 de regels voor de tussen-n nog eenvoudiger geworden zijn doordat de paardebloemregel afgeschaft is. Hoe minder uitzonderingen, des te beter.

Daar gaat het om in de Spelling 2005: consistenter spellen. Waarom zouden we niet Eerste Kamervoorzitter, Rode Kruispost en Dode Zeerollen spellen als we al jaren Guido Gezellelaan en Koning Boudewijnstichting schrijven? En als je dat niet duidelijk vindt, zet dan een streepje na de eigennaam. De regels geven je die vrijheid.

Dankzij de Spelling 2005 zijn we ook af van de verschillen tussen het Groene Boekje en de woordenboeken. Eindelijk is er één spelling, iets waar de gemiddelde taalgebruiker alleen maar beter van kan worden. Daar zat hij namelijk wel mee, dat het Groene Boekje appèl spelde en Van Dale appel.

De Spelling 2005 beregelt kwesties waar vroeger geen regels voor bestonden. Daardoor krijgen sommige woorden nu een ander spellingbeeld. Ja, bij de VRT hadden we afgesproken dat we ge’sms’t met twee apostrofs spelden en kennelijk moet het nu ge-sms’t zijn. Et alors? Veel mensen zullen blij zijn dat er nu ook duidelijker regels zijn voor het spellen van getallen in woorden, het spellen van titels en het gebruik van hoofdletters.

Wat mij het meeste stoort, is het egocentrisme en het egoïsme waar de kritiek op de Spelling 1995 en 2005 van getuigt. Meestal komt die hierop neer: ík heb iets anders geleerd en ík wil daar niet van af. Hoe anders valt te verklaren dat de Nederlandse kranten terug willen naar de spelling van 1954? Is dat niet toevallig de spelling die de redacteuren geleerd hebben? Waarom zouden we niet weer visch en koolen spellen? Omdat de redacteuren die spelling niet geleerd hebben, net zomin als die van 1995?

Hebben de mensen die terug willen naar 1954 er al bij stilgestaan dat voor miljoenen kinderen in Nederland en Vlaanderen de Spelling 1995 met de aanvullingen van 2005 de enige spelling is waar ze mee vertrouwd zijn? Moeten kinderen hun woordbeelden opgeven omdat hun ouders de woordbeelden uit hun jeugd niet willen opgeven?

Ik begrijp het niet.

archief

reacties


Moderator - Ben Salemans - 27/01/06

De discussie over de Spelling 2005 maakt veel emoties los. Ik verzoek de discussiedeelnemers vriendelijk doch dringend hun discussiebijdragen zakelijk te houden. Bijdragen met beledigingen/bedreigingen of bijdragen die niets of nauwelijks iets te maken hebben met de spelling van het Nederlands worden niet geplaatst.


Peter Kleiweg - 31/01/06

U wilt een zakelijke discussie, meneer Salemans? Leest u eens de tekst van meneer Hendrickx goed door. Wie niet mee wil met de spellingveranderingen is onwetend, egoïstisch en egocentrisch, volgens Hendrickx. Zijn dat de argumenten waarmee een zakelijke discussie wordt gevoerd?

De spellingcommissie is uitgehoond. De taalgebruikers willen geen Fran-krijk. Geen paddenstoel. Geen re-incarnatie. Of was het re-integratie? De spellingcommissie wil van geen kritiek weten. Elke tien jaar moet en zal ze de spelling "verbeteren". Wij doen daar niet meer aan mee. De taal is van ons, niet van een obscuur groepje taalverbeteraars. Dus nu staan de taalverbeteraars aan de kant, te dreinen omdat de andere kinderen niet met hun willen spelen.


rorbert - 31/01/06

... Hendrickx is zich als enige van bewust dat je je frustraties aan de kant moet zetten en de spellingcommissie niet moet uitmaken voor een obscuur groepje taalverbeteraars.

Egoïsme, egocentrisch is al genoemd maar,... wat te zeggen van 'egotisme': het overwaarderen van zichzelf. Egoïsme, egocentrisme wordt gekenmerkt door een relatief starre, onaangepaste reactie op veranderingen binnen - in dit geval genoemd - spellingdwang. Een superio(ri)teitsgevoel.

Kenmerk van egotisme is dat je bewust bent van je superio(ri)teitsgevoel, dit in tegenstelling tot het egoïsme of sofisme, waar dit niet het geval is.

Hendrickx wil een discussie waarin egoïsme, sofisme en gevoelens van onwetendheid, niet de baas gaan spelen over rationele besluiten.



Willy Schuyesmans - 31/01/06

Beste meneer Kleiweg,
haal in hemelsnaam dat geval Fran-krijk niet meer aan. Dat is een (zeldzame) zetfout in het Groene Boekje, die trouwens in de Van Dale (die de spelling van het GB integraal overneemt) keurig verbeterd is in Frank-rijk. Wie nooit een tikfout heeft gemaakt, werpe de eerste steen.
Ik ben dagelijks met taal bezig als journalist en redacteur en verbaas me er steeds weer over hoe weinig er eigenlijk veranderd is bij deze herziening. En het is er inderdaad alleen maar duidelijker en consistenter op geworden, vergeleken met 1995.


Dirk Demuynck, uitgever - 31/01/06

De spellinghervorming maakt inderdaad zoveel emoties los dat je je met een uitspraak daarover blijkbaar steevast op glad ijs waagt. Op zich is de hele discussie niet slecht: het betekent dat veel Nederlandstaligen erg begaan zijn met hun taal. Maar misschien moeten we ons tegelijk toch afvragen of de hele discussie niet al te emotioneel wordt gevoerd. Er zijn voor ons uitgevers echt wel dringender dingen te doen dan op te roepen tot een boycot omdat de spelling van een aantal woorden verandert. Bij uitgeverij Lannoo kijken wij blijkbaar wat pragmatischer tegen deze kwestie aan. Ons gaat het erom onze lezers een maximaal leescomfort te bezorgen. En als dat betekent dat ze in onze boeken maar beter de officiële woordbeelden kunnen terugvinden (die woordbeelden dus die, als iedereen ze gebruikt, op termijn ook de vertrouwde woordbeelden worden), dan lijkt het ons beter ons daaraan aan te passen. Het is een houding die overigens volledig losstaat van de vraag wat wij persoonlijk vinden van de blijvende inconsequenties na deze spellinghervorming.


Paul Tack - 31/01/06

Nu maken die weerspanningen er een zootje van!
Leg het maar uit aan mensen die andere zorgen aan hun hoofd hebben dan die spelling!
Leg het maar uit aan de jongeren, die in de klas de nieuwe spelling moeten leren, en elders ongevraagd met verwarrende woordbeelden geconfronteerd worden!
Leg het maar uit aan de senioren, die al zoveel veranderingen hebben moeten verstouwen!
Of wil niemand nog iets van een ander aanvaarden?
Aanvaardt niemand nog enig gezag?
Wil elk zijn eigen wereld, elk zijn eigen spelling uitvinden?
Wie niet wil veranderen, niet wil aanpassen belandt in de Engelse en Franse toestanden, waarin één klank op bijna vijftig manieren gespeld wordt, en dat omdat ze nooit wilden veranderen!
En wie vasthoudt aan die oude spelling lijdt misschien aan een onschuldig, mar toch wel raar fetisjisme.
Paul Tack 31.01.06


Claudia Calberson - 31/01/06

Even kort, wanneer ik over meer tijd beschik, waarschijnlijk meer.
De nieuwe spelling is nog inconsequenter dan de vorige. Alleen de wijzigingen in 1946 in 1954 waren nuttig en praktisch.
Een serieuze taal gebruiker of taalminnaar KAN de nieuwe spelling NIET VERDEDIGEN! Ik stem dus volmondig in met wat Peter Kleiweg schrijft. De taalgebruikers maken de taal en niet een stelletje kamergeleerden, worrdenboekmakers en/of politici. Maar ja, je moet toch iets doen om je 'postje' te behouden. Er zijn al zoveel werklozen!


Jan Missinne - 31/01/06

Bij De Standaard hebben ze de proef op de som genomen: op 56[!] (zeer volle) pagina's van een weekendnummer zijn in de Spelling 2005 welgeteld 9 woorden anders gespeld dan in die van 1995.
Als dat een reden is om de vernieuwingen te boycotten en terug te willen naar 1954 (met een verderfelijke dubbelspelling nota bene!), dan weet ik het ook niet meer.
Spellingregels zullen altijd (relatief) arbitrair zijn want het gaat om afspraken, niet om door een of andere natuurwet gedicteerde verschijnselen. Alleen een strikt fonetische spelling kan theoretisch soelaas bieden, maar hoe zorg je ervoor dat alle Nederlandssprekenden alle woorden op dezelfde wijze uitspreken? (auto, politie, schr-, ...) Is het alternatief dan de M/middeleeuwen toen iedereen schreef zoals hij gebekt was?
Een en ander neemt overigens niet weg dat het jammer is dat de nu voorgestelde aanpassingen al niet in 1995 zijn doorgevoerd; de tienjaarlijkse aanpassingen zouden enkel betrekking mogen hebben op nieuwe woorden, niet op de spellingregels zelf. In 1995 is er, onder tijdsdruk van de nakende jaarwisseling, een commercieel (?) spelletje gespeeld waardoor van Dale en het Groene Boekje ten dele anders zijn gaan spellen: dat was pas wraakroepend.
Nu zijn bepaalde veranderingen mogelijk aanvechtbaar, maar in principe zouden alle bronnen nu dezelfde regels op dezelfde wijze moeten (kunnen) toepassen.
Laat ons hopen dat in Nederland het gezond verstand zegeviert en dat men het kind niet met het badwater weggooit.


Ruud Deyl, Zuid-Franrkijk - 31/01/06

Ik hoor dat de spellingscommissie is UITGEHOOND...wel, dat is dan volkomen terecht. Waar de taalgebruiker het meest mee gediend is, is RUST op het spellingsfront. Spellingshervormingen zijn noodzakelijk, anders zouden we nog conyngh schrijven en op vrijdag visch eten, maar niet om de tien jaar!! Maar net als alle andere commissies wil ook de spellingscommissie zijn bestaansreden bewijzen, door (veel te vaak) met "verbeteringen" de aandacht te trekken. En dan zullen we het nog maar niet hebben over de 'argumenten'. De tussen-e, noodzakelijk omdat we smartgeld, ruggraat en pankoek niet kunnen uitspreken, leidt tot smartegeld, pannekoek en ruggegraat. Daar hoort geen tussen-n, aartsdomme commissie!


Christian Vandekerkhove - 31/01/06

Het lijkt me toch wat simplistisch de nieuwe-spellingsmalaise (mijn excuus als ik hier niet de juiste spelling hanteer) te reduceren tot een egocentrisch gevoel van onbehaaglijkheid of een egoïstische weigering om gewoonten te veranderen.

Een van de grootste problemen rond de nieuwe spelling(en) is m.i. het ondemocratisch karakter van de besluitvorming.

Het gaat niet op dat een bepaalde commissie in haar ivoren toren eventjes de spelling van meer dan 20 miljoen gebruikers gaat bepalen, zonder grootschalig overleg met diezelfde gebruikers.

Wat eveneens niet opgaat, is de periodiodiciteit van de spellingwijzigingen.

Een vakkundige spellinghervorming moet jarenlang worden voorbereid en van die kwaliteit zijn, dat ze het jarenlang overleeft.

Spelling is geen softwarepakket, waar vijf minuten na uitbrengen reeds de eerste, van een eindeloze reeks updates moet komen komen, om met de snelheid van een druppelteller, de "bugs" te verwijderen.

Als de spellingcommissie zou worden overgedragen aan een privébedrijf, zou in volgende fasen worden gewerkt: (vereenvoudigd)
1. Grondige analyse van de problemen (na audit!!!!).
2. Een model van oplossing.
3. Overleg met alle betrokken partijen.
4. Proefdraaien.
5. Laatse rondvraag.
6. Toepassing.
Na elk van deze fasen kan indien nodig worden teruggegaan naar een vorige stap.

Is de spellingcommissie zo tewerk gegaan?
Het is maar een vraag.



Maestraccio B. Thomasse - 31/01/06

Ik begrijp ook iets niet.

Reeds jaren pleit ik voor de invoering van het Peperklipsalfabet (http://www.peperklips.tk) om de spelling van het Nederlands consistenter, duidelijker en vooral makkelijker te maken. De Latijnse letters die we al eeuwen gebruiken zijn nu eenmaal gewoon niet geschikt om het Nederlands effectief in te noteren, waardoor we op een uitzichtloze zoektocht zijn aangeland om de ideale spelling voor het Nederlands te vinden in een daarvoor ongeschikt alfabet. Het enige wat we zullen moeten leren is een nieuw alfabet en het weglaten van een hoop overbodige spellingsregels (letterverdubbeling, trema's en koppeltekens, enz.).
Kan iemand mij uitleggen waarom ik mijnheer Hendrickx geen ongelijk kan geven in zijn stelling t.a.v. de Nederlandse redacteuren: "ík heb iets anders geleerd en ík wil daar niet van af"?


Jaap Bosman - 31/01/06

Een consistente spelling zou mooi zijn. Maar het is een onhaalbaar ideaal. En het is klaarblijkelijk een ideaal dat door erg weinig mensen gekoesterd wordt. Ik hoef u niet te wijzen op allerlei inconsistenties die juist zijn ontstaan door de laatste spellingswijzigingen. Ik denk dat een wijziging (van boven opgelegd) eens in de tien jaar te weinig draagvlak heeft. Niet alleen in Nederland is dat een probleem.
vriendelijke groeten,
Jaap Bosman


Dr. Jaap Woestenburg - 31/01/06

De Media lopen tegen geheel andere problemen aan. De spellingcheckers, die nu gebruikt worden, keuren niet-bestaande woorden goed: brievenbus is goed, maar ook briefbus. Dit ligt aan de spellingalgoritmen die permutaties gebruiken.
Hoe goed een woordenlijst ook is, en hoe vernieuwend, deze wordt door het algoritme de vernieling ingestuurd.
Een ander probleem is dat de spellingcheckers van de media geen combinaties met spaties kunnen spellen (Rode Kruismedewerkster, 1 persoonsbed, etc.). Het spellingcheckerfenomeen is o.a. door Ewoud Sanders besproken in de NRC en De Standaard (GroeneSpellingChecker).
De media beschikken vermoedelijk niet over de budgetten om deze problemen op te lossen. De problematiek kan dus niet losgezien worden van spellingcheckeralgoritmen en is grotendeels een kwestie van techniek.

Dr.J.C.Woestenburg, TALO bv. NL, http://www.talo.nl/


M. de Vries - 31/01/06

de spelling is fundamenteel inconsistent en onlogisch. wat de huidige spellingsverandering doet is in de marge wat plooitjes gladstrijken, die velen zonder vergrootglas niet zien, waar ze zich ook niet aan zouden ergeren, ware het niet dat het zo groots gebracht wordt.

wat écht inconsistent is, wordt niet aangepakt. waarom schrijven wij paard? de docent zegt: omdat het paarDen is. waarom schrijven wij dan geen boev? het is immers toch ook boeVen? waarom schrijven we 'zo' met één o? het is een open lettergreep, zo zegt onze docent weder. waarom schrijven we dan 'zee'?

door de hantering van het etymologisch beginsel, wat fundamenteel arbitrair is, en 'historisch gegroeide situaties' zitten we met rariteiten als 'liter' en niet 'lieter', maar wel 'feniks' en 'preses', doch weer niet 'logies', maar wel 'bos' en geen 'bosch'.

een échte hervorming zou dat aanpakken. mensen die durven te beweren dat de nederlandse spelling logisch en consistent is zouden zich eens goed achter de oren moeten krabben.


F. Bakker - 31/01/06

Hendricks: ‘Het komt hierop neer: ík heb iets anders geleerd en ík wil daar niet vanaf.’
Welnu, ik heb inderdaad iets anders geleerd en in 1995 – met enige tegenzin – gepoogd de toen nieuwe spelling te leren. Die bevatte - eerlijk is eerlijk - ook goede elementen, zoals de afschaffing van de ‘nakeurspelling’ en de vervanging van de ‘Noordhollands’ (tegenover ‘Noord-Holland’) door ‘Noord-Hollands’.
En al tien jaar later mogen we het weer een beetje anders doen! Nu zijn er weer foutjes, onduidelijkheden en vergeten zaken ‘geregeld’. En allicht zijn er weer een paar vergeten, nog niet bevredigend opgelost of volledig verkeerd opgelost. (Terecht merkt de heer Kleiwegt gevallen op waarin het tussenstreepje het deelteken vervangt). Intussen is er een generatie opgegroeid met een nieuwe, alweer verouderde spelling. Ook die mag niet klagen van Hendricks. Net zoals de huidige basisscholieren die ongetwijfeld een paar onlogische regels leert die over tien jaar weer nodig bijgesteld moeten worden.


Johan Nijhof - 31/01/06

Ruud Hendrickx begrijpt het niet, kom ik vier keer in zijn artikel tegen. En nu mogen wij, egocentrische critici en egoïsten het zeker uitleggen? Is dat wel zo’n goede basis voor discussie?

Ik heb vele twijfels bij de stellingen van Hendrickx. Is dat wel zo, dat er in Nederland meer drukte over wordt gemaakt? Ik merk daar anders niets van. Is het wel zo, dat de Vlaamse volksaard nuchterder is? Ik herinner me anders een pakkende titel "Sluipmoord op de spelling", die uit België stamde. Nogal heftig, vond ik indertijd, en tevens typerend voor de iets Gallischer opgewondenheid die Vlamingen zo sympathiek maakt.

Is het wel zo, dat de gemiddelde taalgebruiker er zo mee zat, dat het Groene Boekje appèl spelde en Van Dale appel? Mij was dat eerlijk gezegd nooit opgevallen. Het groene boekje staat op mijn computer, Van Dale moet ik nu en dan uit de kast halen voor naslag. Dat bijt elkaar meestal niet. Zit ik nu met die diversiteit? Ik dacht het niet.

Het woordbeeld van de Nederlanders wordt bepaald door wat de kranten schrijven, en zeker niet door wat de scholen, meestal vergeefs, de leerlingen trachten bij te brengen. Zo gezien is enige eigengereidheid best effectief. Als de kruik zolang te water is gegaan tot ze barst, beslis je zelf, zonder je onzin voor te laten schotelen. En Fran-krijk is nu eenmaal onzin. Groter onzin zelfs dan het verschil tussen bessenpulp en bessesap, want dat werd, hoe dwaas ook, tenminste nog gemotiveerd.

Nederland heeft zijn Gouden Eeuw mogen beleven zonder dat het een centrale regering had, laat staan een uniforme spelling, en het ging veel beter dan nu, onder alle druk van verbeten regelneven die nu ook voor de spelling met een paar normen teveel zijn gekomen. Als je intellectuele gêne voelt bij een nieuwe spelvorm, kun je het beter niet doen. (Bij twijfel onthouding). Egoïsme zou ik dat niet durven noemen. Je doet er niemand kwaad mee.

Weinig eerlijk om te stellen dat de jeugd al gewend zou zijn aan de spelling 2005. Arme kinderen die hun woordbeelden zouden moeten opgeven. Moet dat gelamenteer nu nuchterheid voorstellen?

Over de merites van vrouwenborsten moet Hendrickx nog maar eens beter nadenken. Ik hecht er zelf zeer aan, dat met een n te blijven schrijven. M.i. spreken veel taalgenoten die tussen-n ook uit, en het lijkt me verstandiger om de eenheid te bewaren, door liever een vorm te schrijven die niet meer wordt uitgesproken, dan een wel uitgesproken klank niet meer te schrijven.


Helprich Fockens - 31/01/06

Als niet taalkundige heb ik, wat je kunt noemen een lekenoordeel. Ik vind dat spelling 'logisch' moet zijn, dus in beginsel een weerslag dient te zijn van gesproken tekst. Het probleem van ' slechte' sprekers en van sprekers met een regional tongval zie ik wel, dus moet je voor de spelling naar een gemeenschappelijkheid uitkijken, die je kunt vinden in het ABN. Nu hoor ik geen enkele ABN-spreker, zelfs Beatrix niet, praten over een pannenkoekenhuis, dus de ratio ontgaan mij dan om dan die spelling te hanteren of voor te schrijven. Je maakt het wel erg moeilijk voor immigranten die het Nederlands moeten leren incl. het schrijven ervan.
Ik weet best dat de taalkundigen/specialisten die de spelling in elkaar gezet hebben, daarvoor regels hebben opgesteld die nu strikter dan in '95 toegepast worden, maar laten ze het dan zo doen dat er geen enkele uitzondering meer op de regels is, dan is het misschien ook wat gemakkelijker voor de schoolkinderen.
Je creeert dan wel een schrijftaal die nogal ver af staat van de spreektaal, wat het voor de lerenden weer extra moeilijk maakt.
Zo heb ik een hoogeleerd lid van de commissie die de spelling heeft verbeterd, een verklaring horen geven voor Fran-krijk. De clou ontging en ontgaat mij, maar het had wat te maken met de woordsoorten. Zal taaltheoretisch geheel correct zijn, maar de logica ontgaat mij wel. Als eenieder spreekt over Frank-rijk, wellicht foutief menend dat de etymologie is "het land van de Franken", en het ook afbreekt, vind ik het prima.
Logica is niet alles in taalkunde en haar toepassingen. Zo zag ik onlangs in de krant het woord 'zijn' afgebroken als zi-jn. Dat zal zeker gedaan zijn door een strikt logisch werkend algoritme in het opmaakprogramma, maar logisch komt het bij mij niet over.
De conclusie? Bij alle voors, kun je tegens bedenken. Als de geschreven taal, net als de gesproken taal, bedoeld is om gedachten van het ene hoofd in het andere te transporteren, en het doet dat goed, dan ik het wat mij betreft OK. Laten we gelukkig zijn dat aan de toepassing van spelling, welke dan ook, geen sancties verbonden zijn.


Jan de Vries - 31/01/06

Het probleem is, dat de Nederlandse media alleen de veranderingen op woordniveau hebben weergegeven. Er is nergens melding gemaakt van de regels die veranderd zijn. Ik vind dat de nieuwe spelling vooral helderder is dan die van 1995. Immers, er is een aantal uitzonderingen uitgehaald. Maar hoe je het ook wendt of keert, de spellingswet is een wet, waar elke Nederlander (en Vlaming) zich aan moet houden.


Peter Motte - 31/01/06

1) “Wie de nieuwe spelling niet wil, denkt vooral aan zichzelf”: die titel verwijt de tegenstanders egoïsten te zijn. De titel is dus op zich al scheldproza.
2) "In Vlaanderen wordt er nauwelijks drukte over gemaakt." Correctie: de media maakt er niet veel drukte over. Wat bewijst dat? Eigenlijk niets. Alleen maar het volgende: dat de media er geen drukte over maakt. Het bewijst niét dat de bevolking erachter staat. Het bewijst ook niét dat álle media erachter staan. Tot nu toe heeft slechts ongeveer de helft van de Vlaamse media zich pro het Groene Boekje 2005 uitgesproken, namelijk de VRT (een 'staatszender' en dus verplícht om het GB05 na te volgen) en de VUM (die zich altijd relatief gezagsgetrouw heeft opgesteld in vergelijking met veel andere media). Wat vooral opvalt is, hoeveel media erover zwíjgen (!). De Morgen, bijvoorbeeld, wijdt er heel weinig aandacht aan in vergelijking met De Standaard, waar Ludo Permentier meent de kruisvaarder voor de nieuwe spelling te moeten zijn.
3) "Of hebben wij Vlamingen er gewoon minder moeite mee dat boven ons hoofd over zoiets als spelling afspraken gemaakt worden? Of bekijken we de zaak gewoon nuchterder en zien we vooral de voordelen van de Spelling 2005?" Ondervraag een willekeurige Vlaming over de spelling, en dan zal alles duidelijk worden: een willekeurige Vlaming kan niét spellen. De afwezigheid van felle reacties op de spellinghervorming kan evengoed worden veroorzaakt door apathie als door het aanvaarden van de nieuwe regels.
4) "Ik heb geen begrip voor de houding van de Nederlandse kranten." Maar wat is die houding? Die houding is geen tegenstand tegen de spelling van 1995 (het Groene Boekje 1995, ook wel GB95 genoemd), maar tegen de veranderingen in het Groene Boekje 2005 (GB05). De reactie van de Nederlandse kranten (én van de NOS, en van nog een reeks andere uitgevers) is dus niet zozeer een reactie tegen de nieuwe spelling, als wel tegen het voortdurend veranderen van de nieuwe spelling. Ze slikken gewoon niet dat de zaak om de tien jaar wordt aangepast. Vraag het na bij de Vlamingen op straat, en je krijgt dezelfde reactie: niet om de tien jaar veranderen.
5) "Zeker niet als je argumenten meer emotioneel – de nieuwe spelling is lelijk, meneer! – dan rationeel zijn." De pot moet de ketel niet verwijten dat hij zwart ziet: in beide kampen zijn er mensen met emotionele argumenten. De titel van dit artikel is op zich al een poging om emoties te gebruiken.
6) Op de argumenten over al of niet consistent wil ik hier niet ingaan. De reden daarvoor: het is elders al veel gedaan, en bovendien heb ik daarvoor hier nog de tijd, en hoogstwaarschijnlijk evenmin de plaats.
7) "Dankzij de Spelling 2005 zijn we ook af van de verschillen tussen het Groene Boekje en de woordenboeken." Waarom moet je de spelling veranderen om die verschillen weg te werken? Hadden die verschillen ook niet vermeden geweest als de woordenboekuitgevers de spelling van het GB overal hadden toegepast? Is dat argument van Ruud Hendrickx dan ook niet een non-argument?
8) "Eindelijk is er één spelling": dat was dus met het GB95 ook al het geval. Tenminste, als we het een en ander door de vingers zien, want Hendrickx schrijft ook: "De regels geven je die vrijheid." (i.v.m. de tussen-n). Je kunt dus nog altijd woorden op verschillende manieren schrijven. Er is dus nog altijd geen echte eenheid.
9) "De Spelling 2005 beregelt kwesties waar vroeger geen regels voor bestonden. Daardoor krijgen sommige woorden nu een ander spellingbeeld." M.a.w.: sommige woorden zijn veranderd doordat er regels voor zijn gekomen. Er klopt iets niet in die redenering. Immers: als er geen regels voor waren, dan was er toch niets te veranderen? Ze kunnen toch alleen maar zijn veranderd als er een regel op werd toegepast?
10) "Et alors?": zwaktebod! Geef toe...
11) "Veel mensen zullen blij zijn dat er nu ook duidelijker regels zijn voor het spellen van getallen in woorden," Voor zover ik weet waren die er allemaal al sinds GB95. GB05 was daarvoor niet nodig.
12) "Veel mensen zullen blij zijn dat er nu ook duidelijker regels zijn voor (...) het gebruik van hoofdletters." Daarover wil ik me niet volledig uitspreken, omdat we dan ook bij de afkortingen belanden. Maar als we geen rekening houden met afkortingen en andere speciale gevallen, dan kunnen we wel stellen dat er ook al in GB95 regels waren voor het gebruik van hoofdletters in zinnen, namen, titels, etc.
13) "Meestal komt die hierop neer: ík heb iets anders geleerd en ík wil daar niet van af." Dat is best mogelijk. Maar dat betekent niet dat iemand het recht heeft te redeneren: "Ik heb iets niéuws geleerd, en ik wil dáár niet van af." Vooral omdat, alweer, de aanval op de nieuwe spelling ontstond door GB05.
14) "Hoe anders valt te verklaren dat de Nederlandse kranten terug willen naar de spelling van 1954?" De Nederlandse kranten zouden niet naar 1954 hebben willen terugkeren als GB05 er niet was gekomen. Ze waren misschien niet gelukkig met GB95, maar toén hebben ze niet allemaal samen besloten om terug te keren naar 1954. Ruud Hendrickx wil de ware grond van de klacht niet zien: ze willen gewoon niet dat er om de tien jaar aanpassingen komen.
15) "Is dat niet toevallig de spelling die de redacteuren geleerd hebben?" Toevallig? Ja. Maar dan wel 'toevallig'. De klacht is dat er na tien jaar weer een verandering is. (Ik weet het, ik val in herhaling, maar ik kan ook alleen maar merken dat het bij sommigen niet doordringt.)
16) "Hebben de mensen die terug willen naar 1954 er al bij stilgestaan dat voor miljoenen kinderen in Nederland en Vlaanderen de Spelling 1995 met de aanvullingen van 2005 de enige spelling is waar ze mee vertrouwd zijn?" Laten we duidelijk zijn: die kinderen klagen dat wat zij hadden geleerd in 1995 weer is veranderd.
17) "Ik begrijp het niet." Daar zijn we het over eens.


Peter Motte - 31/01/06

Interessant: "Bij uitgeverij Lannoo kijken wij blijkbaar wat pragmatischer tegen deze kwestie aan."
Uitgeverij Lannoo is voor Vlaanderen de verdeler/uitgever van het Groene Boekje 2005...


Gooitske Hornstra Moedt - 31/01/06

Ik denk dat Hendricks met zijn artikeltje bewust wil provoceren. Nou, dat is hem gelukt. Gefeliciteerd hoor!
Wat betreft de spelling zoveel: als de Engelse of de Franse spelling niet sinds eeuwen onveranderd was gebleven, waren het nuvast geen wereldtalen.


Peter Motte - 31/01/06

"Een en ander neemt overigens niet weg dat het jammer is dat de nu voorgestelde aanpassingen al niet in 1995 zijn doorgevoerd; de tienjaarlijkse aanpassingen zouden enkel betrekking mogen hebben op nieuwe woorden, niet op de spellingregels zelf." (Jan Missinne - 31/01/06)
En dát is nu precies het probleem dat Hendrickx en enkele anderen niet willen begrijpen: de huidige scherpe reacties zijn ontstaan doordat er bovenop de veranderingen van 1995 ook nog eens de veranderingen van 2005 komen. Op die manier worden we voortdurend weer lastig gevallen met moeten aanpassen.
Overigens valt in veel reacties op, dat de mensen vaak niet goed weten waar ze het eigenlijk over hebben. Sommigen klasseren wie tégen GB05 is automatisch ook bij wie tégen GB95 is. Nochtans is dat niet het geval. Er zijn GB95-tegenstanders en GB05-tegenstanders, net zoals er GB95-voorstanders en GB05-voorstanders zijn. De GB54-tegenstanders bestonden ook al in 1995, maar het is pas door GB05 dat zij daadwerkelijk voor GB54 willen kiezen (de Nederlandse kranten worden vaak genoemd). Nochtans hebben zelfs zei gezegd dat ze GB54 niet volledig terug willen overnemen.
En daar zijn we dus beland door het voortdurende gerommel aan de spelling: een enorme versnippering van het spellinglandschap. Men had er in 2005 gewoon moeten áfblijven.


b.w.hietbrink - 31/01/06

U haalde zelf het paard van Yroye thans binnen. Er Bestaat geen nieuwe spelling, geen oude spelling, geen Hietbrinkspelling, slechts de natuurlijke spelling...
Schrijven zoals het H O O R T !


Eric Schade - 31/01/06

Goedenavond,

Ik sluit me grotendeels aan bij de stellingen van Ruud Hendrickx. De boycot door sommigen in Nederland (inclusief door bepaalde dagbladen en tijdschriften) druist in tegen de in 1995 verkregen voordelen, namelijk
m.n. de eenheid in de spelling, in noord en zuid.

Bovendien, als er al een boycot had moeten zijn, dan toch tegen de tussen-n, en wel vanaf 1995. Voor zo'n aanpak zou er indertijd wellicht een meerderheid
van taalgebruikers te vinden zijn geweest.

Daar komt nog bij dat elke "officiële" spelling in de toekomst minder gezag zal hebben, want uiteindelijk blijk je toch steeds naar het wapen van de boycot te kunnen grijpen.

De spellingherziening van 2005 - die geen herziening mag worden genoemd - is geen verbetering. Maar wie gaat boycotten, opent de doos van Pandora.

Eric Schade


Peer van Swigchem (Amsterdam) - 31/01/06

Ben het eens met Ruud Deyl (en anderen) dat de spelling niet om de tien jaar moet worden aangepast. Voor mij is dit de tweede wijziging, dus de derde spelling; voor sommigen zal het de vierde zijn.
Ten eerste betekent elke herziening dat iedereen zich de wijzigingen eigen kan gaan maken. Althans iedereen die eraan hecht correct te schrijven. Maar een groot aantal mensen heeft zelfs geen keus. Men denke aan schrijvers, journalisten, notarissen, taalcorrectors, vertalers, iedereen die de namens de overheid wel eens wat op papier zet en natuurlijk de onderwijssector. Al die mensen hebben misschien wel wat beters te doen.
Ten tweede kost het doodgewoon geld. Professionele taalgebruikers ontkomen niet aan de aanschaf van het nieuwe GB (en misschien ook maar de nieuwe editie van een woordenboek), in talloze computers moet de spellingchecker worden aangepast of vervangen, uitgevers moeten de volgende druk van schoolboeken en vele andere publicaties aanpassen. En het is niet de Taalunie of de regering die daarvoor opdraait...
Mijn voorstel: niet vaker dan eens in de 25 jaar een spellingshervorming.
En dan dient het ook goed te worden aangepakt. Zoals Christian Vandekerkhove stelt: begin eens met een analyse. Of: inventariseer eens waar zich de meeste problemen voordoen. Vraag het onderwijs met welke woorden, met welke regels de leerlingen de meeste moeite hebben. Vraag schrijvers, journalisten en anderen voor wie het geschreven woord hun werk is welke regels en welke uitzonderingen het lastigst te hanteren zijn en wanneer de intuïtie iets anders ingeeft dan het GB.
Breng voorstellen in de publiciteit en laat iedereen die daar zin in heeft maar reageren. Vorm desnoods een panel of een klankbordgroep om te vernemen hoe een voorgestelde wijziging valt alvorens die wijziging in het volgende GB op te nemen. Kom aldus tot een concept voor dat nieuwe GB (d.w.z. de regels, niet de woordenlijst) en stel dat ter beschikking van eenieder die er belang in stelt. Misschien zijn er wel publicisten, uitgevers, vertalers, enz., die er een tijdje mee willen proefdraaien en hun bevindingen willen rapporteren. Welke nieuwe regels zijn bijvoorbeeld onduidelijk, of wat is gewoon niet beregeld?
Zorg er ook voor dat de regels duidelijk en alomvattend zijn (één van de manco’s van GB’95, tevens één van de oorzaken van de verschillen tussen GB en diverse woordenboeken).
Als je het zo aanpakt, is er veel meer kans op een flinke consensus (“draagvlak”, zo u wilt) en ook vermindert het de kans dat er al na tien jaar alweer behoefte is aan een herziening (de herziening van 2005 was ten dele nodig vanwege onduidelijkheden en onvolledigheden in GB’95).
Kortom: doe het goed, dan kun je minstens 25 jaar vooruit. Het enige wat nodig blijft is een periodieke lijst met nieuwe woorden (in 1995 had nog bijna niemand van ‘e-mail’ gehoord en wat een ‘tsunami’ was zal ook slechts een enkeling hebben geweten). Daar lijkt het internet me het aangewezen medium voor (al is een gedrukte versie ook nooit weg). Het GB dient sowieso op het internet te vinden te zijn – en dat van 2005 is dat ook, maar je dient bijna al te weten hoe een woord wordt geschreven om er iets in te kunnen vinden. Zoeken met een ‘joker’ is bijvoorbeeld niet mogelijk. Waarom kan dat wel in de digitale versie van de nieuwe Grote Van Dale? Graag ook nog eens wat aan doen.


Peter Kleiweg - 31/01/06

Naar aanleiding van de boycot door Nederlandse kranten ben ik van de kant van de spellingcommissie twee soorten reacties tegengekomen. De eerste komt er op neer dat deze boycot leidt tot chaos en een onleesbaar Nederlands. De tweede komt er op neer dat de wijzigingen zo minimaal zijn dat we er toch niks van merken. In het eerste geval is de spellingcommissie zélf onverantwoord bezig, in het tweede geval is ze futiel. Hoe het ook zij, de spellingcommissie heeft zelf geen idee wat de gevolgen van haar geijver zijn.

Ik durf te stellen dat de spellingcommissie ook geen weet heeft van het nut van spellingveranderingen.

De een wil een consistentere spelling, de ander een meer logische, de derde een fonetische, allemaal met het idee dat het simpeler kan en dus simpeler moet. Simpeler voor wie? En waarom moet dat dan? Waar het echt om gaat, in alles wat met taal te maken heeft, is dat spelling functioneel is. Wat maakt het functioneel? Dat heeft met veel dingen te maken die zich vanuit het gezonde boerenverstand niet laten beredeneren. Ook een zo op het oog ingewikkelde spelling kan zijn nut hebben. Van de tienjaarlijkse veranderingen is het enige dat we zeker weten dat oudere teksten minder toegankelijk worden.

Waarom dulden we dat een commissie in onze taal ingrijpt? Gesleutel aan taal is noch maatschappelijk noch taalwetenschappelijk te verdedigen, en dient zich te beperken tot de hobbykamer en de Esperantovereniging, plekken waar het geen kwaad kan.

Waarom is het Engels zo'n succesvolle taal? Niet omdat er een commissie is die toeziet op de spelling. Waarom gebruiken de Chinezen en de Japanners nog steeds zo'n lastig schrift, terwijl taalverbeteraars al lang met simpelere alternatieven zijn gekomen? Niet omdat Aziaten zichzelf graag kwellen.

Een taal is niet iets wat toevallig door een bepaalde gemeenschap wordt gebruik. Taal ís de gemeenschap. En alleen de gemeenschap kan de taal veranderen, kan zich aansluiten of juist afsplitsen. Het zijn de mensen zelf die in hun gebruik van taal gezag kunnen verwerven, en daarmee andere taalgebruikers kunnen leiden, of het nu gaat om grote literaire schrijvers, opiniemakers, of om idolen van de straat. De overheid moet zich daar niet mee bemoeien. En woordenboekenmakers zouden eindelijk weer moeten registreren en verklaren in plaats van voorschrijven.


Ton Maas - 1/02/06

Geheel met Peter Kleiweg eens.
Daar waar hij het heeft over toegankelijkheid van oudere teksten moest ik denken aan een regel die mij veertig jaar geleden werd geleerd door mijn leraar Nederlands:
spel woorden uit de oude talen Grieks en Latijn onveranderd.
Bijv. camera blijft camera en niet kamera. Katalogus blijft hetzelfde, immers het woord kata is gespeld met een Griekse kappa. Maar wat moeten we nu schrijven?
Catalogus; met een C, en waar komt die C vandaan?
Het is maar een détail dat de logica ontbeert.


ciscabrier - 1/02/06

In de nederlandse kranten in Los Angeles wordt wel geschreven over nieuwe spelling, maar men legt niet uit wat er veranderd zal worden. Is er een website die we kunnen bekijken om er achter te kunnen komen wat er gaande is.
Hartelijk dank voor de hulp. CB

---

Reactie moderator:
Kijk bijvoorbeeld eens op http://taalunieversum.org/taal/spelling/ of http://taalunieversum.org/taal/spelling/vragen/. Of bij Onze Taal: http://www.onzetaal.nl/dossier/nieuwespelling.html.


Peer van Swigchem - 1/02/06

In aanvulling op moderator bij bijdrage van ciscabrier: in verscheidene Nederlandse kranten heeft er een flinke discussie gewoed (of is nog gaande), onder meer NRC Handelsblad en Volkskrant. Een bezoekje aan het archief in de websites van deze dagbladen moet verhelderend kunnen werken. Waarschijnlijk is zoeken op termen als 'spelling', 'nieuwe spelling' of 'Groene Boekje' voldoende om in een oogwenk op de hoogte te komen.


Suske Pluske - 1/02/06

Gefiliciteerd! "Taaladviseur" in dienst van...? Voorspel ik dat dit onderwerp wel over de 500 reaktie's zal overstijgen.
Zeker omdat ik daar ergens al las dat; "het Paard van Troye" eindelijk door U zelve binnen gelaten.
Wie zitten er allemaal in de buik van dat paard?
Welnu vooral strijders die zich niet wederom "dwangspelling" in de maag laten splitsen. Willem Biderdijk eens taalgod der Nederlanden introduceerde dit woord al bij het verschijnen van het gewrochte werk van Siegenbeek. (1830) Een spelling waar slechts een enkele instelling monopolie over mag verwerven. Dat: is er aan de hand. Dat: wordt thans dus uitgevochten. De muren van de Trojaanse taalinstelling geslecht. Tenminsten indien taalschrift dit toe staat.. We wachten af... Is de teerling thans eindelijk geworpen? De Natuur dwingt niet en wacht af...
Alles sal regt kom!


Catherine Thys - 1/02/06

Voor mij is er inderdaad maar één wezenlijk probleem: het feit dat de spelling al te vaak verandert. Over de veranderingen zelf wil ik mij niet uitspreken.
Ik ben vertaler en de klant verwacht van mij vanzelfsprekend volledig correct gespelde teksten. Ik herinner me hoe ik bijvoorbeeld in de beginjaren geworsteld heb met het woord 'produkt' dat destijds met een 'k' moest worden gespeld. Ik heb er maanden over gedaan om die regel spontaan toe te passen. Het was bij mij nog maar pas een automatisme geworden, of er verscheen alweereen nieuwe spelling waarin het woord plots met een 'c' moest worden gespeld. Het kostte me opnieuw een hele tijd om de nieuwe regels juist toe te passen. Dat is slechts één voorbeeldje.
Kortom, niet de nieuwe spellingregels zijn het probleem, wel de frequentie waarmee ze worden gewijzigd. Het lijkt me dan ook een erg lucratief handeltje om alle professionele taalgebruikers om de zoveel jaar met nieuwe Groene Boekjes, Spellingwijzers en woordenboeken om de oren te slaan die ze hoe dan ook moeten aankopen. Men zal wellicht in alle toonaarden ontkennen dat die redenering er voor iets tussen zit, maar mij zal men daar alvast niet van kunnen overtuigen.

Catherine Thys


Gerrit Jan Groothedde - 1/02/06

>> Waarom zouden we niet Eerste Kamervoorzitter, Rode Kruispost en Dode Zeerollen spellen als we al jaren Guido Gezellelaan en Koning Boudewijnstichting schrijven?

Appelen met peren vergelijken is in elk debat een slechte zaak. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat iemand van het kaliber van Hendrickx het taalkundig verschil niet ziet tussen adjectieven, substantieven en eigennamen--en evenmin dat hij niet in de gaten heeft dat het één wel en het ander niet tot verwarring kan leiden. Dergelijke non-argumenten slaan minstens evenveel grond onder dit betoog weg als de nogal grove schimpscheuten waarmee het gelardeerd is. Wat die laatste betreft: het feit dat de Taalunie voortdurend gedwongen is geweest tot koehandeltjes tussen Nederland en Vlaanderen, komt kennelijk telkens weer bovendrijven. In dat licht bezien is de verontwaardiging van Hendrickx toch wel heel verhelderend.


Maurice Vandebroek - 1/02/06

Volgens mij oogst de Taalunie wat ze zelf gezaaid heeft.

Bij de aankondiging van de spellingaanpassing-die-geen-spellingaanpassing-mag-genoemd-worden van 2005 werden alle toeters en bellen bovengehaald. Er werd een waar evenement van gemaakt, en uitgevers moesten dure eden zweren dat ze niet voortijdig over de ‘nieuwe’ spelling uit de biecht zouden klappen. De schrijver van de nieuwe leidraad gaf in een artikel in Onze Taal een antwoord op de verontrustende vraag hoe het komt dat er nu meer woorden een nieuwe spelling krijgen dan tien jaar terug (http://www.onzetaal.nl/nieuws/rimpeling.html). In de barnumreclame van de betrukken uitgeverijen werd het er dik opgelegd: ‘on-mis-baar” - “ruim 11.000 verschillen met het Groene Boekje van 1995” (= meer dan 10%, dus) - http://www.hetgroeneboekje.nl/.

Het leek wel een langgerekte kreet: ‘Neem deze spelling alsjeblieft ernstig en ons erbij!’. En dan neemt de goegemeente die spelling eindelijk ernstig genoeg om ze te verwerpen, is het weer niet goed. Snel verschijnen er artikelen dat een boycot voor chaos zal zorgen (alsof een spellingverandering om de 10 jaar, hoe klein ook, dat niet doet), dat de aanpassingen minimaal zijn, 0,04% van de woorden in een gemiddelde krant - http://taalunieversum.org/nieuws/1207 (waarom was die hele aanpassing dan helemaal nodig?) en tenslotte dat mensen die de nieuwe spelling niet aanvaarden regelrechte egoïsten zijn (van een rationeel argument gesproken).

Voor zoiets bestaat er een oud spreekwoord: koud en heet uit één mond blazen. Nooit een verstandige manier om te communiceren, me dunkt.

Het klopt dan wel dat de spellingaanpassing van 2005 een heleboel inconsequenties uit die van 1995 wegwerkt, maar is dat echt zo’n verdienste? De woordenlijst van 1995 was een ramp die de leidraad die erbij hoorde zelf niet volgde. En die extra regels, maken die de spelling echt consequenter? Ik begrijp wel waarom ‘reïncarnatie’ met een trema moet en ‘re-integratie’ met een koppelteken (best een beangstigende gedachte, eigenlijk – help, ik denk zoals de leden van de spellingscommissie), maar de gewone taalgebruiker die beide woorden in dezelfde tekst leest, denkt dat er een ergerlijke fout staat. En zoals Ruud Hendrickx het zelf formuleert: ‘Ergernis bij het publiek moeten we koste wat kost vermijden, want iemand die geërgerd is, luistert niet naar de boodschap’ - http://vrttaal.net/taaldatabanken_master/ taalbeleid/taalcharter.shtml. Op die manier bemoeilijkt de spelling de communicatie, en dat kan toch niet de bedoeling zijn.

Heel vreemd vind ik dat je nooit leest waarom bepaalde veranderingen doorgevoerd zijn. Waarom werd de spelling ‘paddestoel’ tien jaar lang verdedigd omdat het een versteende uitdrukking zou zijn terwijl het nu weer een springlevende ‘paddenstoel’ wordt? En is de spellingcommissie van plan om deze arbitraire aanpassingen om de tien jaar door te voeren, tot grote vreugde van de betrokken uitgevers? Die zijn in ieder geval gelukkig met de recentste aanpassing: http://www.boekblad.nl/ - Nieuwe spelling commercieel succes.

Het schrijnendste voorbeeld van zelfoverschatting stond in De Volkskrant van 14 oktober 2005: Piet van Sterkenburg, lid van de Taalunie en verantwoordelijk voor de nieuwe woordenlijst, durft zelfs de stelling aan dat ‘we’ de beste spelling van Europa hebben. ‘Het Engels wordt in Engeland en Amerika verschillend gespeld, de Duitsers zijn het onderling ook oneens en de Fransen zijn helemaal waardeloos op het gebied van spelling.’

Hoe kan een spelling, niet meer dan een afspraak over hoe taalgebruikers die taal wensen te noteren, beter zijn dan een andere? Consequenter misschien, makkelijker of zo, maar beter? Bovendien klopt het niet: de Fransen hebben een moeilijke, maar wel een heel consequente spelling. Vraag maar aan mensen die met dyslectici werken: de spellingregels voor het Frans kun je met wat moeite behoorlijk aanleren. Uitzonderingen zijn er niet veel, heel anders dan in het Nederlands. De spellingregels voor het Engels zijn heel moeilijk, toegegeven, maar dat heeft het Engels niet tegengehouden om de lingua franca van tegenwoordig te worden.
De Duitse spelling wordt beslist door een spellingcommissie, net als de Nederlandse, en in beide taalgebieden wordt gesproken/geschreven over een boycot. In het Engels en het Frans bestaat zo’n commissie niet (de Académie française heeft geen wettelijk, alleen moreel gezag), en daar is geen vuiltje aan de lucht. Daar zit ergens een boodschap in, volgens mij.

Die hele boycot van de Nederlandse media stelt volgens mij trouwens niet veel voor. Ik kan me niet voorstellen dat al die redacties hun eigen spellinggidsen en spellingprogramma’s gaan maken. Als er twijfel is over de schrijfwijze van een woord, grijpt een journalist of redacteur toch naar het dichtstbijzijnde naslagwerk. En dat zal wel een recent Groene Boekje, een Van Dale of woordenlijst.org zijn, vermoed ik.

Zelf heb ik besloten de spelling maar te nemen zoals ze is. Helemaal consequent krijg je die toch niet, dus dat moet je echt niet om de tien jaar proberen. Ik hoop vurig dat de mensen van de Taalunie er ook zo over denken, maar ik vrees het ergste: Het Instituut voor Nederlandse Lexicologie zoekt een projectleider spelling - http://taalunieversum.org/vacaturebank/vacature.php?id=206. Een paar kernwoorden uit de advertentie zijn ‘stevige persoonlijkheid’, ‘daadkrachtig’ en ‘resultaatgericht’. Het lijkt alsof ze iemand zoeken die zijn stempel wil drukken op de spelling. Dat belooft wat voor 2015.


Karel De Wilde - 1/02/06

Geachte heer Hendrickx, u beweert dat de oproep tot spellingboycot getuigt van onwetendheid, m.a.w. een gebrek aan inzicht. Voor wie houdt u uw spellingbewuste en -alerte taalgenoten eigenlijk? De spellinghervorming-1994 was op zich wél al een goede eenheidsspelling, alleen heeft Van Dale toen per se 'cavalier seul' willen spelen door o.a. de regelgeving m.b.t. de tussenletter -n- in samenstellingen anders te interpreteren en zelfs anders te formuleren dan het Groene Boekje. Er zijn toen honderden storende verschilpunten tussen beide lexica blijven bestaan, omdat beide gewoonweg zich niet de moeite hadden getroost om met mekaar tot overeenstemming te komen. Daardoor werd de spellinghervorming-1994 door velen als dubbelzinnig en moeilijk leerbaar ervaren.

Een uitzuivering van de fouten en onvolkomenheden uit 1994 drong zich dus op. De Taalunie echter heeft het kind met het badwater weggegooid: er worden tientallen spellingvormen nodeloos veranderd, die enkel verwarring creëren in plaats van duidelijkheid, en spellingchaos brengen waar totnogtoe orde en duidelijkheid heerste. Het is intellectueel onfair dat u dan de schuld van die verwarring in de schoenen van de “spelling-2005-critici” tracht te schuiven. Courante spellingvormen zoals Middellandse-Zeevloot, paddestoel, eskimo, sociaal-democratisch, 11-juliviering,… waren bij de gemiddelde spellingbeoefenaar allang géén onbekenden meer, omdat ze in het onderwijs ook duidelijk leerbaar d.w.z. uitlegbaar waren. Er was dan ook geen enkele reden om deze lemmata te veranderen. Nu heeft de Taalunie ervoor gezorgd dat er decennialang méér i.p.v. minder spellingverwarring zal heersen.

En dan is er “ideeëloos”… Wat Ludo Permentier naar voren schuift als het summum van unificatie, blijkt helaas een schoolvoorbeeld van stupiditeit te zijn. De schrijfwijze ideeënloos was als uitzondering allerminst foutief, want ingegeven door de overweging dat het idee, mv. ideeën een andere betekenis had dan de idee (geen mv.). Mocht u nu “ideeloos” schrijven, dan zou iedereen zich daarin kunnen vinden, naar analogie met bijv. inspiratieloos, kleurloos en tactloos.
Met die 3 voorbeeldwoorden zou men trouwens uw hele apologie kunnen samenvatten, en a fortiori de hele miskleun-2005 van de Taalunie.

De Taalunie heeft ons voorgelogen dat er aan de spellingregels niets veranderde, de ene paardebloem-uitzonderingsregel niet te na gesproken. Intussen weten we wel beter; de lijst van gewijzigde lemmata is 24 pagina’s A4 lang. Ludo Permentier heeft zelf toegegeven in woord en geschrift dat er 40 nieuwe spellingregels zijn bijgekomen. Weliswaar heeft men in een enkel geval duidelijkheid gecreëerd, o.a. in de schrijfwijze van getallen in letters (maar die regeling is ook niet echt origineel, zie de Spellingwijzer Onze Taal vorige editie) . De overgrote meerderheid van de nieuwe spellingregels heeft echter meer schade aangericht dan voordeel bijgebracht.

De Standaard heeft klaarblijkelijk reeds beslist de onnodige (en in feite onwettelijke) spellingherziening-2005 onverkort toe te passen. Vermoedelijk wil men Ludo Permentier niet voor het hoofd stoten. In tegenstelling tot Nederland, waar meerdere alerte uitgeverijen en wakkere burgers reeds eerlijk, omstandig en weldoordacht tegen de miskleun-2005 hebben gereageerd, is in Vlaanderen een onwezenlijke windstilte merkbaar. Iedereen kijkt naar iedereen, niemand durft zijn nek uit te steken uit vrees om genekt te worden: dat heet “de dictatuur van de politiek correcte mediocriteit”. Destijds in de jaren 80 heeft De Standaard ook besloten de progressieve spelling te hanteren, achteraf bekeken een kapitale vergissing waarbij de krant een deel van haar autoriteit heeft ingeboet.

Zowel Ruud Hendrickx als Ludo Permentier vinden het absoluut nodig de spellingbewuste Vlamingen en Nederlanders, die hun nek durven uit te steken, te schofferen en uit te schelden voor onwetende egoïsten. Klaarblijkelijk vinden ze géén rationele argumenten meer om de nodeloze spellinghervorming-2005 te verdedigen. Omdat die er eenvoudigweg niet zijn.


margreet - 1/02/06

Ik ben het eens met Kleiweg: "De samenleving die de waarden produceert, de samenleving met zijn relaties en met de linguïstiek arbeid die altijd langs de hersenen passeert…", volgens Antonio Negri (sic)

Kleiweg vind de commissie een Esperantovereniging. Dat is wat al te cru. Esperanto is géén taal. De commissie wil niet werkloos toezien en verzint net als Kleiweg nieuwe spellingen om in ieder geval de hypotheek te kunnen betalen. Het is tegenwoordig ook een ‘hype’ om a la letré Antonio Negri te volgen!

Kleiweg zou eerlijk zijn als hij toegaf zelf niet zo volks te zijn als hij wil. Dus zijn pleidooi is niet uit het hart van de gemeenschap... (...), maar uit het hart van A. Negri. En die kennen ze niet in Holland.



Jaap Engelsman - 1/02/06

Geacht Forum,

als vertaler, redacteur en (amateur)etymoloog betuig ik mijn warme instemming met de bijdrage waarmee Ruud Hendrickx dit debat heeft geopend. Argumenten geef ik niet, want alle argumenten zijn al honderdmaal over tafel gegaan, en de hele zaak is te onbelangrijk om verder nog kostbare tijd aan te verspillen.

Met vriendelijke groet,

Jaap Engelsman


Matthijs Bakker - 1/02/06

'haal in hemelsnaam dat geval Fran/krijk niet meer aan. Dat is een (zeldzame) zetfout,' schrijft Willy Schuyesmans.

'Zo heb ik een hooggeleerd lid van de commissie die de spelling heeft verbeterd, een verklaring horen geven voor Fran/krijk. De clou ontging en ontgaat mij,' schrijft Helprich Fockens.

Schuyesmans heeft gelijk: Fran/krijk is nu vrij geruisloos opgenomen in de erratalijst. De algemeen secretaris van de Nederlandse Taalunie zegt over die afbreking in De Telegraaf: 'Dat is gewoon een foutje. Kan gebeuren.'

Maar Fockens heeft ook gelijk: in zijn 'Siegenbeeklezing' zet Henk Verkuyl, lid van de Werkgroep Spelling, op ongehoord hautaine en pedante wijze Ewoud Sanders op z'n plaats, omdat die het gewaagd had die afbreking in NRC Handelsblad 'een vergissing' te noemen. Drie alinea's lang met taalkundige redenen waarom die afbreking toch echt zo moest.

Dan komt je naar mijn idee niet meer weg met 'foutje', zeker niet als je weet dat deze afbreking voor de winnares van de Grote Prijs der Nederlandse Letteren, Hella S. Haasse, toch een toonbeeld van nuance en gematigdheid, aanleiding was voor de uitspraak dat met de nieuwe wijzigingen 'alle ratio verdwenen lijkt'.

Een klein incident, maar voor mij tekenend voor de rampzalig slechte manier waarop de introductie van de - inderdaad verhoudingsgewijs geringe - update van de spelling door de Taalunie gemanaged en gecommuniceerd is. Zie ook de bijdrage van Christian Vandekerkhove.

'De taalgebruiker centraal,' roept de Taalunie nu al een jaar of wat. Maar als die taalgebruiker werkelijk centraal had gestaan, dan had de Taalunie de impact van deze nieuwe wijzigingen nooit zo faliekant kunnen onderschatten.


O. Coene - 1/02/06

Waarom wordt in Vlaanderen minder gereageerd? De Vlamingen hebben al lang afgehaakt, en liggen geenszins wakker van wat de taalpausen uit hun hoed toveren. Spellingshervormingen dienen slechts één doel: te bevestigen dat de taalpausen een onontbeerlijke steunpilaar zijn van onze samenleving.
In een tweetalig land als België, waar de Walen het al zo moeilijk hebben om ons Nederlands te begrijpen, is het onmogelijk te verdedigen dat de spelregels ieder decennium veranderen. De Franse spelling is nauwelijks nog gewijzigd sinds Molière.


Gerard Nachbar - 1/02/06

Het in zijn geheel verwerpen van spelling 2005 is net zo ongeloofwaardig als het in zijn geheel accepteren van diezelfde spelling. Met andere woorden: Er zijn zeer geslaagde en minder geslaagde/totaal niet geslaagde wijzigingen. Er wordt gewerkt aan een nieuwe versie van de 'Spellingwijzer Onze Taal', waarin de diverse wijzigingen kritisch zullen worden bekeken en waar nodig zullen worden gewijzigd. Er is immers geen sprake van Taalunielogodwang (CWTFR = Comply With The Fucking Rules).
Voor het overige is het zonder meer waar dat de effecten van de spellingwijzigingen van 1995 en 2005 op een gemiddelde portie leeswerk nihil zijn. 99,99 procent van spelfouten (inclusief die in de kwaliteitsdagpladen...) heeft betrekking op de d/dt- en ij/ei-regels; zaken die sinds mensenheugenis ongewijzigd zijn en die ik als 59-jarige met de paplepel kreeg ingegeven in de vijfde en zesde klas van de lagere school.
En inderdaad: de protesten tegen de nieuwe regel van de Tweede Kamervoorzitter zijn heel zwak als men wél Prins Clausviaduct, Kongingin Julianalaan en tienduizenden andere toponiemen altijd als de normaalste zaak heeft beschouwd.
Overigens: we zouden de spelling 2005 ook de Parmentierspelling kunnen noemen, naar aanleiding van de auteur van de toelichting bij de nieuwe Woordenlijst, alsmede die bij de twee nieuwe spellingwijzers die Van Dale heeft uitgegeven; een in de vorm van het extraatje bij de luxe editie van de Grote Van Dale; de andere is de misterieuze (en advertentieloze; spelling is even niet in) spellinggids die rond de jaarwisseling bij de grote boekhandels lag.


Bert De Ridder - 1/02/06

Opmerkelijk: bij de huidige en vorige spellingaanpassingen werd er nooit op grote schale te rade gegaan bij de échte deskundigen: de leerkrachten die de spellingregels dag in dag uit 'mogen' aanleren.

Het merendeel onder hen is duidelijk tegen en snakt naar een ingrijpende spellingVEREENVOUDIGING. Niet alleen i.v.m. de werkwoordvormen, maar ook op al die gebieden waar het ene complexe systeem om de 10 jaar veranderd wordt in een al even complex en soms onlogisch systeem.

Chat- en sms-taal geven de richting al aan: ei/ij, ou/au, c/s, c/k: allemaal regels die teruggaan op etymologische grondvormen, die voor de doorsnee burger onbekend zijn en waar ze dus ook niets aan hebben. Schaf ze aan en maak tegelijkertijd ook de hele D/T-zooi logischer en begrijpelijker. Laat de taalkunde de taal niet verstikken.

De leerkrachten signaleren al jaren dat er veel te veel tijd en energie in spellingonderricht wordt gïnvesteerd, maar ze preken in de woestijn. De leden van de Taalunie stellen zich zo academisch op dat ze geen voeling meer hebben met het levende taalgebruik van de jongeren en de doorsneeburger. Ze realiseren zich niet tegen welke berg van voor de doorsnee gebruiker onlogische regeltjes de niet in taalkunde gespecialiseerde burger moet opkijken. Integendeel, onder het mom van verfraaiingswerken wordt ons spellinggebouw almaar grotesker.

Leg aan tieners maar uit waarom middeleeuwers, joden en eskimo's plots met een hoofdletter moeten of waarom het nu plots 'ideeëloos' is.

Dat laatste is een prima voorbeeld om mee te eindigen: het illustreert zowel de waanzin van de laatste spellingwijziging als datgene waaraan de Taalunie lijdt.


Niek Langeweg - 1/02/06

Wanneer kranten de officiële spellingregels niet willen volgen, is er in het geheel geen sprake van burgerlijke ongehoorzaamheid. De spellingregels zijn namelijk alleen verplicht voor de overheidinstanties en binnen het onderwijs. Voor de rest staat het iedereen vrij om te schrijven zoals het haar of hem goed dunkt.

Ikzelf heb geen enkele moeite met de nieuwste wijzigingen, waarschijnlijk omdat de spellingafspraken zo weinig met de échte taal te maken hebben. De taal zoals die gebruikt wordt en in ons hoofd (of hart) zit, verandert niet door de afspiegeling ervan op papier en beeldscherm.
Veel interessanter vind ik wat je met taal kunt doen: communiceren. En op dat punt slaat de Nederlandse Taalunie de plank wel behoorlijk mis.
In december schreef dhr Verkuijl in NRC dat wetenschappelijk onderzoek steeds meer informatie verstrekt over de manier waarop taalgebruikers lezen. Als de jongste wijziging en aanvullingen op de spellingregels inderdaad op wetenschappelijk onderzoek zijn gebaseerd, was het wel zo handig geweest om aan te geven hoe dat dan zit. Dat inzicht vergroot ongetwijfeld het draagvlak voor de veranderingen.
Meer in het algemeen: ik het sterk de indruk dat de kritiek op de spelling vooral gevoed wordt door kritiek op de wijze waarop de Taalunie communiceert (of: weigert te communiceren).

Misschien moet er op dat punt iets veranderen.


Emmy van Stratum - 1/02/06

Hoe durft de heer Hendrickx te spreken van 'onwetendheid' bij de acceptatie van de nieuwe spelling! Ik geef toe, het is een oude koe uit 1995, maar toch: ooit spelde ik bij het Groot Dictee 'zinnenbeeld'. Fout! Het moest zonder tussen-n, omdat 'de mensen' de oorsprong van het woord niet meer herkennen. Nou, ik ken die wel!
Wie was er hier eigenlijk onwetend?
Een nieuwe koe: de nieuwe afbreking van catastrofe is catas-trofe. Mag ik de dames en heren van de Taalunie een lesje Griekse etymologie aanbieden? Over onwetendheid gesproken!

Egoïstisch ben ik ook niet: ik ben heel wel in staat om me de nieuwe regels eigen te maken, maar ik wens wel serieus genomen te worden. De door mij genoemde voorbeelden zie ik als minachting voor mensen die wél bedreven zijn in taal.
En mensen die dat minder zijn, hebben geen baat bij welke verandering dan ook.

Wat de huidige reacties op de tussen-n betreft: in 1995 bestond er nog nauwelijks internet en toen konden we dus nog niet reageren zoals nu.
Er is nog heel wat oud zeer dat weggewerkt moet worden.

Ten slotte: realiseert men zich wel dat al dat gedoe om de tussen-n getuigt van onwetendheid? De tussen-n bestaat niet! Er bestaat slechts een tussen-e, soms nodig vanwege de uitspraak. En als er een meervoud gevoeld wordt, wordt er ook nog een n bijgevoegd.


Peter Motte - 1/02/06

Karel de Wilde: "Zowel Ruud Hendrickx als Ludo Permentier vinden het absoluut nodig de spellingbewuste Vlamingen en Nederlanders, die hun nek durven uit te steken, te schofferen en uit te schelden voor onwetende egoïsten."
Interessant: Ruud Hendrickx is de taaladviseur van de VRT, de radio-tv-zender-combinatie die zowat 50% van het tv- en radiopubliek bereikt.
Ludo Permentier is de taalpaus van de VUM, nog zo'n mastodont in het Vlaamse medialandschap, in dit geval voor kranten.
Zij tweeën hebben dus enorm veel macht, en net zij tweeën willen de spelling 2005 gebruiken. Zoals gezegd: Hendrickx moet wel, want hij is een ambtenaar, en ambtenaren zijn daartoe in Vlaanderen wettelijk verplicht.
Beweren dat de Vlamingen de nieuwe spelling aanvaarden, lijkt me dan ook nogal voorbarig: krijgen zij wel nog de kans om zich te laten horen als twee taalpausen in machtige mediablokken achter die hervorming staan? Durfn men nog reageren? Wie wil openbaar als egoïst bekend staan? Welke Vlaamse ambtenaar wil voor iets als de spelling zijn baan riskeren?
Suggereren dat in Vlaanderen nauwelijks drukte wordt gemaakt over de nieuwe spelling omdat de Vlamingen er gewoon minder moeite mee hebben dat boven ons hoofd over zoiets als spelling afspraken worden gemaak, of dat ze de zaak gewoon nuchterder bekijken en vooral de voordelen van de Spelling 2005 zien, is dan ook wel heel kort door de bocht.
Ruud Hendrickx neemt zijn wensen voor werkelijkheid.


Edward Vanhove - 1/02/06

Je opmerking over 'zinnebeeld' een oude koe? Troost je, Emmy!

Je hoeft geen bladzijde om te slaan om te zien dat ook hier weer 'iets kleins' veranderd is: 'zinnenspel' (1995) wordt 'zinnespel' (2005). Een terechte aanpassing, maar toch weer een fijne merkwaardigheid, of liever gezegd: geniepigheid. Is dit soort van 'logische veranderingen' meegeteld in de populaire tellingen van het soort 'hoeveel woorden uit een doordeweekse krant worden in 2005 anders gespeld ten opzichte van 1995'? Ik betwijfel het.


Edward Vanhove - 1/02/06

De tussen-n-regel uit 2005: een succes of een absolute mislukking? Ik zal zo meteen bewijzen dat voor een normale taalgebruiker - die tenslotte het meeste baat heeft bij een consistente en begrijpbare spelling - het tweede het geval is.

Heel opvallend: Ruud Hendrickx wijdt in zijn commentaar maar vijf regels aan die tussen-n (hij doet alle problemen dienaangaande eigenlijk af als 'tien jaar te laat')... Maar het Groene Boekje kan die 'nog eenvoudiger' regel met 'minder uitzonderingen' niet in minder dan zes bladzijden opschrijven!

Wat is de uitleg voor 'giraffennek' (!!), dat in 1995 net 'giraffenek' was - er nu dus een tussen-n bij krijgt - voor 'gazelleoog', dat tegenover 1995 zijn tussen-n juist verliest? Is de uitleg 'ja maar, ja maar'? Zijn de grondvormen ditmaal 'giraf' tegenover 'giraffe', 'gazelle' tegenover 'gazel'? (Kunt u volgen?) Is dat het? Leid dat maar eens af uit het schema 'Hoe de regel toe te passen' in het Groene Boekje!

De uitleg voor 'normen-en-waardenstelsel'? Ook 'ja maar, ja maar'? Is dat een 'noodzakelijk meervoud', of 'stond' de verbinding 'normen en waarden' hier al voordat de hele samenstelling er kwam? Bij mij kan het er met de beste wil van de wereld niet in. In een 'waardestelsel' (dat moet zonder tussen-n!) zitten ook meer 'waarden'.

De uitleg voor 'pesticidenwolk' tegenover 'biocidewolk'?

Ach, ik verval in het opsommen van zeer, zéér zelden voorkomende woorden en verbindingen, zult u zeggen. Over het geheel genomen is er algehele consistentie. Welnu, als dat waar is, dan vind ik het werkelijk bedroevend dat er te midden van deze 'consistentie' geen oplossing geboden is voor de 'novellebundel' (novelle + bundel) tegenover de 'sagenbundel' (sage + bundel); voor de 'beambtenvakbond' (beambte + vakbond) tegenover de 'bediendevakbond' (bediende + vakbond). U leest het goed! Bovenvermelde waanzin herbergt de enige correcte schrijfwijzen volgens het Groene Boekje en volgens Van Dale.

'Eindigende op toonloze -e en een meervoud op -en, maar geen meervoud op -es': het lijkt simpel, maar het is het niet. Wie het volgende rijtje juist raadt, spreke dat tegen: spade (alleen spaden, of spaden én spades?), hymne, hinde, gilde, pesticide, biocide, druïde, inname...
Alleen een woordenboekfreak zal in één oogopslag alle toegestane meervoudsvormen van die woorden uit het hoofd kennen. En alleen hij zal er dan ook in slagen samenstellingen met die woorden 'juist' te schrijven. Aan alle andere 'gewone' taalgebruikers vertelt Ruud Hendrickx: jullie kunnen niet spellen volgens déze simpele regels?! Jullie hebben gefaald! Stelletje egoïsten!


Wim Verjans - 1/02/06

Wat mij vooral verwondert is de emotionele toon van de meeste reacties hierboven. Het begint al bij Ruud Hendrickx zelf, die al meteen in het defensief lijkt te gaan tegen argumenten die nog niet eens werden naar voren gebracht. Ook kapittelt hij meteen maar de mensen die met hem van mening zouden verschillen in bijzonder zware en ongenuanceerde bewoordingen.

Is er dan echt geen kritiek mogelijk op de spellinghervorming? Of wordt ze gewoon niet getolereerd? Is iedereen die bedenkingen heeft bij de doorgevoerde hervorming per definitie een verderfelijke reactionair die elke vorm van evolutie afwijst?

Het zij zo. En deemoedig aanvaard ik dus mijn lot wanneer ik toegeef dat ook ik van meet af aan problemen heb gehad met bepaalde aspecten van de spelling 95 (waarvan de versie 2005 slechts een bijstelling is). Volgens Ruud kom ik natuurlijk 10 jaar te laat, maar die bewering zou ik toch graag counteren door te stellen dat ik destijds al net dezelfde bedenkingen had, en dat 10 jaar ervaring met de nieuwe spelling mijn mening niet vermochten te wijzigen.

Overigens ben ik het wel met Ruud eens dat de spelling 95 meer plus- dan minpunten vertoont. Maar de manier waarop de kwestie van de tussen-n werd beregeld heeft me altijd gestoord vanwege het absurde en volkomen onwetenschappelijke van die aanpak. Dat de laatste versie nu een paar absurditeiten wegmoffelt, doet hier niets aan af. Niet dat ik die grap met het al of niet noodzakelijke meervoud zoveel beter vond; daar gaat het niet om.

Wat me wel stoort, is het grote aantal regels en nevenregeltjes dat je nodig hebt om de hele zaak waterdicht te krijgen en het feit dat de regeling zo zwaar steunt op buitentalige kennis (net zoals de vorige regeling!).

Ik maak me sterk dat de spellinghervorming heel wat minder heisa zou hebben veroorzaakt als men het tussen-n-vraagstuk (is dit nu correct gespeld?) ofwel beter had aangepakt, bijvoorbeeld met een regeling op louter fonologische basis, ofwel gewoon minder rigoureus had willen beregelen. Maakt het nou zoveel uit dat Jan pannekoek schrijft en Koos pannenkoek? - "Al dat spel voor een hoop rapen", zou Ernest Claes gezegd hebben. Let wel, dit alles op voorwaarde dat er voor de rest voldoende aandacht naar een correcte spelling zou gaan.


Evy (pseudoniem) - 2/02/06

Mijn vader was franstalig.
Ik ben vertaler, leerkracht, auteur en redacteur; en in het Frans opgevoed.
Wat ik op mijn 7 jaar leerde qua spelling enz..., is nog steeds van kracht in mijn 'vadertaal'.
Wat heb ik daarentegen gezwoegd om mijn 'moedertaal' (opnieuw) te leren, onder andere door de verschillen tussen Nederlands en Vlaams!
Toen ik eindelijk vermoedde dat ik de spelling ervan echt onder de knie had (want veel moeilijker dan Frans: al is de Franse spelling ingewikkeld, ze is logisch: als je bepaalde premissen kent, vloeit de rest eruit!) en ook in het Nederlands begon te vertalen, werd de spelling plotseling aangepast. Dus ik maar nieuwe woordenboeken kopen, een nieuw GB enz.
Maar het bleef moeilijk! Grappig is het nooit om vast te stellen dat je 'verkeerde' regels aangereikt hebt gekregen!
En nu zou dat weer maar eens moeten veranderen allemaal? Dat is toch echt te zot! Ik lees nog steeds zonder problemen boeken van Voltaire! Ga ik straks mijn eigen boeken niet meer kunnen lezen?
En moet ik mijn cursisten (ik geef namelijk al 6 jaar lessen 'initiatie tot het Nederlands' aan alochtonen) erop wijzen dat onder andere die 'tussen-n' regel weer veranderd is?
Zo'n comedie gaan ze echt niet slikken! Evenmin als ik!
Zou ik niet beter mijn energie weer in het Frans steken???



Geert Aerts - 2/02/06

Naar "Taalpost", de u waarschijnlijk wel bekende (of is het welbekende?) nieuwsbrief, stuurde ik de volgende reactie op uw stelling: "Qua hoogmoed kan dit weeral tellen!" Moet er nog meer gezegd?


Friso Gosliga - 2/02/06

De fundamentele fout die mijns inziens wordt gemaakt is het willen bedenken van 'logische' regels voor een historisch, complex en dynamisch fenomeen zoals taal. Hieraan gaat het achterhaalde idee vooraf dat wij taal leren en gebruiken op basis van bewust geformuleerde en toegepaste regels. Niets is minder waar.

Wat wij in andere wetenschappen inmiddels erkennen en inzien rond de formulering van regels voor complexe systemen lijkt tot de Taalunie nog nauwelijks doorgedrongen. De zeer moeizame formulering van pseudo-regels, de vele pagina's noodzakelijke voorbeelden en de vele uitzonderingen spreken (letterlijk) boekdelen.

Daarbij schiet men door op kwalijke wijze: de taal zelf wordt nodeloos veranderd om beter aan te sluiten bij de nieuw bedachte regels, dit alles ten behoeve van de heilige logica. Welke ornitoloog zou een havik de snavel durven bijpunten om het dier beter te laten voldoen aan een bedachte regel omtrent de 'logische' snavelvorm?

De geoefende taalgebruiker put vooral uit een enorm reservoir van woordbeelden. Op die manier is een groot vocabulaire te leren waarin geen enkele sprake is (of hoeft te zijn!) van logische spelling. We leren eenvoudigweg de juiste spelling door voortdurende bekrachtiging van de woordbeelden in alle geschreven uitingen die we zien.

Engels is juist daarom zo goed te leren - de woordbeelden zijn al vele jaren stabiel. En deze kennis van vreemde talen laat ons dikwijls de historisch juiste spelling in onze eigen taal afleiden.

Daaruit verklaar ik ook de emotie: een kleine groep geleerden verandert de taal omwille van een logica die alleen zijzelf nastreeft en die zij nooit zal bereiken. Met als gevolg dat de aangeleerde woordbeelden van 20 miljoen mensen onnodig overhoop worden gehaald - elk 10 jaar opnieuw, wat ieder argument rond kinderen en hun onderwijs ongeldig maakt. In het gemiddelde leven leren we immers allemaal 5 keer een nieuwe spelling.

Als men dan ook nog het gebruik van de kennis van andere talen als hulpmiddel blokkeert door af te wijken van de historisch correcte spelling ('Fran-krijk'), dan is het hek van de dam. Men vervreemdt een taalgebruiker daarmee van de eigen taal.

Schielijk werd Fran-krijk afgevoerd als een 'spelfoutje' (sic), ondanks eerdere verdediging. Laten we hopen dat dit ook gebeurt met 'catas-trofe' en andere misbaksels.

Lang leve GB95, liefst honderd jaar of meer.


Friso Gosliga - 2/02/06

De fundamentele fout die mijns inziens wordt gemaakt is het willen bedenken van 'logische' regels voor een historisch, complex en dynamisch fenomeen zoals taal. Hieraan gaat het achterhaalde idee vooraf dat wij taal leren en gebruiken op basis van bewust geformuleerde en toegepaste regels. Niets is minder waar.

Wat wij in andere wetenschappen inmiddels erkennen en inzien rond de formulering van regels voor complexe systemen lijkt tot de Taalunie nog nauwelijks doorgedrongen. De zeer moeizame formulering van pseudo-regels, de vele pagina's noodzakelijke voorbeelden en de vele uitzonderingen spreken (letterlijk) boekdelen.

Daarbij schiet men door op kwalijke wijze: de taal zelf wordt nodeloos veranderd om beter aan te sluiten bij de nieuw bedachte regels, dit alles ten behoeve van de heilige logica. Welke ornitoloog zou een havik de snavel durven bijpunten om het dier beter te laten voldoen aan een bedachte regel omtrent de 'logische' snavelvorm?

De geoefende taalgebruiker put vooral uit een enorm reservoir van woordbeelden. Op die manier is een groot vocabulaire te leren waarin geen enkele sprake is (of hoeft te zijn!) van logische spelling. We leren eenvoudigweg de juiste spelling door voortdurende bekrachtiging van de woordbeelden in alle geschreven uitingen die we zien.

Engels is juist daarom zo goed te leren - de woordbeelden zijn al vele jaren stabiel. En deze kennis van vreemde talen laat ons dikwijls de historisch juiste spelling in onze eigen taal afleiden.

Daaruit verklaar ik ook de emotie: een kleine groep geleerden verandert de taal omwille van een logica die alleen zijzelf nastreeft en die zij nooit zal bereiken. Met als gevolg dat de aangeleerde woordbeelden van 20 miljoen mensen onnodig overhoop worden gehaald - elk 10 jaar opnieuw, wat ieder argument rond kinderen en hun onderwijs ongeldig maakt. In het gemiddelde leven leren we immers allemaal 5 keer een nieuwe spelling.

Als men dan ook nog het gebruik van de kennis van andere talen als hulpmiddel blokkeert door af te wijken van de historisch correcte spelling ('Fran-krijk'), dan is het hek van de dam. Men vervreemdt een taalgebruiker daarmee van de eigen taal.

Schielijk werd Fran-krijk afgevoerd als een 'spelfoutje' (sic), ondanks eerdere verdediging. Laten we hopen dat dit ook gebeurt met 'catas-trofe' en andere misbaksels.

Lang leve GB95, liefst honderd jaar of meer.


Leo E.J. Callens - 2/02/06

Het artikel heeft veeleer nood aan een rechtzetting dan aan een reaktie. De enige (gedeeltelijk) juiste opmerking erin is: “Wie nu nog komt aanzetten met kritiek op de regeling voor de tussen-n, komt tien jaar te laat”. Gedeeltelijk juist, want de “Nieuwe Spelling” wordt net zoals tien jaar geleden in haar geheel bekritiseerd. Alleen is er toendertijd niet naar geluisterd, en dat is niet de schuld van de critici.

Voor de rest schoffeert het artikel iedereen die iets van taal en spelling afweet. Het staat bol van halve waarheden en nergens op gesteunde beweringen, vooral de uit de lucht gegrepen en laatdunkende redenen die voor het protest ten tonele gevoerd worden.

Want wat staat er? De argumenten zouden emotioneel zijn, ingegeven door egoïsme en egocentrisme, samengevat als: “ík heb iets anders geleerd en ík wil daar niet van af”. Kort door de bocht voorzien van het etiket “onwetendheid”.

Wat zijn de werkelijke argumenten? Onwetendheid? Vergeet het maar. De spelling is onwerkbaar gebleken, onleerbaar en één hopeloze knoeiboel: het is een schande dat ze voorwerp geworden is van een wedstrijd waar niemand “fout”loos uitkomt. Ze is helemáál niet konsistent en ook niet konsekwent, wel integendeel. De spelling die tot nog toe het beste aan deze criteria voldoet is de in 1994 afgewezen Geerts-spelling. Om redenen van konsistentie en konsekwentie ben ik daar toendertijd op overgestapt (en ook ík had iets anders geleerd, en ik wilde en wil daar nog steeds wél van af, zoals ik uitgebreid uiteengezet heb in http://www.onzelagelanden.web-log.nl. Ik gebruik ze nog steeds, probleemloos.

Resultaat van die hele bedoening is het groeiend inzicht dat het een slecht idee is een spelling te willen bevriezen, op welk tijdsgewricht dan ook. Taal verandert voortdurend, niet alleen door het in onbruik raken van woorden, het invoeren of scheppen van nieuwe woorden, maar ook in haar mondelinge en schriftelijke verschijningsvormen: de uitspraak en de spelling. Een goede spellingberegeling moet dat kunnen opvangen zonder de regels zelf aan te passen. Dat mag in een fonologische taal (zoals het Nederlands er een is) geen problemen geven. Veranderingen worden dan automatisch geïntegreerd, en dan hoef je niet elke tien jaar de regels te “verbeteren”.


Paul Tack - 2/02/06

Graag sluit ik me aan bij het betoog van M. B. Thomasse over de vereenvoudiging van ons op een Latijnse leest geschoeide alfabet. Waarvoor hebben we die c, q, y of x nodig? Ze stichten alleen verwarring! De c staat b.v. voor verschillende klanken.


Gerrit Jan Groothedde - 2/02/06

Zullen we eens een veel fundamenteler vraag stellen? Op welke wijze draagt dat voortdurende 'geüpdate' van onze spelling er eigenlijk toe bij dat de gewone taalgebruiker een beetje redelijk blijft/gaat spellen?

Ter illustratie: wie even een blik werpt op http://www.sif.nl/quiz/quiz.php?n=1 (ik noem maar even een webstek die ik vandaag bezocht) begrijpt meteen dat de 'simpele' regels van de spelling 2005 vele malen ingewikkelder zijn dan de elementaire regels die zelfs goed opgeleide taalgebruikers als de makers van dat proza niet blijken te beheersen. Je vraagt je af in hoeverre dat steeds wijzigen van de regels mensen ertoe aanzet het helemaal op te geven en gewoon maar raak te doen. Tenminste: als je een beetje hersens hebt, vraag je je dat af...


Rob Samsom - 2/02/06

Geachte heer Goslinga,

Eén opmerking. Uw vergelijking met de ornitoloog, hoe fraai geformuleerd ook, gaat toch mank. Er is een vogel, de realiteit, en er zijn regels voor de snavelvorm, de meta-realiteit. Voor de taal geldt m.i. dat gesproken taal realiteit is en geschreven taal meta-realiteit. Immers: 'de' taal bestaat niet, behalve in gesproken vorm. Geschreven taal is hoe dan ook een (altijd tot mislukken gedoemde) afspiegeling van de gesproken taal die, zoals u zegt, complex en dynamisch is. Het bijpunten van de spellingregels komt dus niet overeen met het bijpunten van de snavel, want die spellingregels zijn zelf al meta-realiteit. Dat er een spellingcommissie is die af en toe probeert enige orde aan te brengen in de chaos, lijkt mij niet meer dan terecht.

Vriendelijke groet,

Rob Samsom


Piet Broekhoven - 2/02/06

Ruud is een oen. Wie zegt dat de regeling van de tussen -n nu gemakkelijker is dan vroeger is niet ernstig te nemen. Het wemelt van de uitzonderingen.
Wat het aaneenschrijven betreft is de regel nog leuker: alles zoveel mogelijk aan elkaar behalve als je het niet mooi vindt ogen! Laat hem maar eens een paar jaar gaan lesgeven dan weet hij waar hij het over heeft..
Het Groene Boekje is in de betere boekhandel dan ook te vinden in de afdeling Humor.


Gerard Nachbar - 2/02/06

De tussen-n-regel van 1995 is een wangedrocht. Edward Vanhove is daar op 01/02/06 heel duidelijk over en ik ben het hartgrondig met hem eens. Het is eigenlijk te gek voor woorden dat we bij de tussen-n allereerst het concept van het noodzakelijk meervoud maar totáál moeten vergeten, waarna doodleuk het meervoud weer van stal wordt gehaald voor de bepaling van dubbele meervoudsvormen (-en en -es)!
We kunnen dit natuurlijk blijven betreuren en daar heel veel digitale inkt aan verspillen, maar het is bij wijze van burgerinitiatief ook denkbaar dat geïnteresseerden (bijvoorbeeld de forumbijdragers) gaan brainstormen over een alternatieve tussen-n-regeling. Dus: hoe is het volgens een significant grote groep mensen wél goed te regelen? Een en ander los van allerlei politieke aspecten, Holland-Vlaanderentegenstellingen et cetera. In een volgende bijdrage hoop ik in


frits houtman - 2/02/06

Als Ruud Hendricks het niet begrijpt doet hij er wellicht beter aan zich buiten de discussie te houden, of eerst zich eens goed te laten voorlichten over de verschillende standpunten en de argumenten daarvoor.
Meer consistentie in de spelling, dáár gaat het om. Akkoord, maar ik geloof niet dat we dat bereiken door spellingregels die geheel losgemaakt zijn van de betekenis van woorden en alleen nog maar de vorm tot uitgangspunt nemen. Laten we dan consequent zijn en met elkaar vaststellen dat de geschreven taal een vorm van abstracte kunst is: ook daar gaat het om de vorm en is de inhoud en/of de betekenis irrelevant, althans wordt die aan de beschouwer overgelaten.
Maar taal is daar niet voor. Taal bestaat uit woorden en zinnen die een betekenis hebben, per definitie, omdat we anders niet kunnen communiceren. De taal en de daarvoor geldende regels zijn dus het domein van de taalgebruikers, niet van taalkundigen die de taal in het keurslijf van wiskunde en logica willen drukken. De spellingcommissie moet dan ook iedere competentie worden ontzegd. Mét het taalgebruik in het algemeen volgt de spelling conventies, geen abstracte normen.
Geen wettelijke regels dus, en geen tienjaarlijkse herziening! Laat de spellingconventies zich autonoom ontwikkelen. Meer consistentie ontstaat vanzelf, doordat degenen die zich daar te ver van verwijderen zichzelf isoleren: die worden eenvoudig niet (meer) gelezen. Daar hebben wij taalgebruikers niemand voor nodig, zelfs geen taalkundigen.
Tegen taalkundigen heb ik niets. Laat ze maar registreren wat er gebeurt, net zoals bekwame lieden dat doen op tal van andere terreinen van wetenschap. Maar net zo min als biologen ons voorschrijven hoe onze hersenen moeten werken en rechtsgeleerden bepalen aan welke regels we ons moeten houden, zijn taalkundigen bevoegd regels op te leggen aan welke taalgebruiker dan ook.


Gerard Nachbar - 2/02/06

De aftrap over de tussen-n begint bij de Siegenbeeklezing van Henk Verkuyl. (Zie http://taalunieversum.org/taal/spelling/siegenbeeklezing).
Ik citeer: "(...) schrijf een -n als als je per se meervoudigheid wilt benadrukken zoals in boekenkast. En doe voor de rest een -e."
In wezen is dit ook de "Regel-Van de Laar", zoals die is geformuleerd in "De kleren van de nieuwe spelling; de tussen-n is een verzinsel!" (Amsterdam, 1998).
Dit kan dubbelspellingen opleveren. Nou én!? Als ik met mijn kleinzoon in de kinderwagen door het park loop en de wielen worden geconfronteerd met onwettig gedeponeerde viervoeteruitwerpselen, heb ik hondepoep aan de wielen zitten. Gebeurt dit 200 meter verder nogmaals, dan is het hoogstwaarschijnlijk hondenpoep. Zo simpel is dat.
En verder is "Koninginnendag" goed te verdedigen, want Beatrix heeft als blijk van waardering de geboortedag van Juliana gehandhaafd. Ik sluit zelfs niet uit dat Willem Allexander te zijnertijd er geen koningdag van maakt, dus dat er nog steeds op 30 april Koninginne(n)dag zal worden gevierd.


robert - 2/02/06

Wat lees je onder de reacties:

Taal is géén systeem. Taal heeft ook géén wetenschappelijk fundament nodig. Taal wordt gesproken doordat mensen onderling (onbewust) afspraken maken; afspraken waar je niet direct bij stil staat, waar je niet aan denkt als je met iemand anders praat. Taalkundigen denken na, speculeren hoe mensen in staat zijn te communiceren en zoeken wèl naar een fundament; maken jacht op bijvoorbeeld neuro -, biologische, fysische, chemische en filosofische fundamenten dat tot een taal leidt. Het is een mythe te denken dat je de psyche van de taal kunt achterhalen. (Freud zei het al: het onbewustzijn stuurt ons en wij worden haar nooit de baas.) Taalwetenschappers zullen met hun funderingobsessie een ding moeten doen: ‘met eerlijke verhalen komen’!, en niet met zogenaamde wetenschappelijke theorieën: zoals iemand schreef een meta-theoretie. Er wordt wat af getranscendeerd. De reactie zijn duidelijk: ’deconstructie van wat ’men’ taal noemt. Zelfs de meest gezochte leermeester Saussure wist dat taal niets met de werkelijkheid te maken had en een in zichzelf gesloten systeem is (Wittgenstein). Taal verwijst alleen naar zichzelf. Het taalspel van alle die reageren op,... is het zelfde als niet reageren op, of niet-willen reagren op, of niet kunnen...; egoisme, 'egotisme' maak allemaal niet uit. Taal is alles wat er aan reactie mogelijk is. Het enige wat je zou kunnen doen en dat doet bijna iedereen is: de taal deconstructieveren, zoadat iedereen zijn taal heeft...(...)

De spellingcommissie is dus onderdeel van deconstructivisme. En wie niet.

Ik geef Kleiweg gelijk als hij stelt dat taal van levende mensen is, een levende taal waar je beter met je klauwen af kunt blijven. Dat is pas deconstructivisme!!


liesbet jacobs (docent Nederlands lerarenopleiding) - 2/02/06

Woordbeelden en regels, het zijn twee verschillende zaken, m.i. Woordbeelden, daar raak je vertrouwd mee. Het vraagt tijdelijk een extra inspanning, maar het lukt best om die woorden die je geregeld gebruikt, correct te spellen. Het vraagt wat doorzettingsvermogen en concentratie, maar het lukt. Zolang iedereen consistent eenzelfde woordbeeld gebruikt, is er weinig of geen probleem. Dus hoop ik dat we deze uniforme spelling met z'n allen gebruiken. We prenten woordbeelden in, maken ze ons eigen en gebruiken ze.

Ik heb wel bedenkingen bij de vele regels die er zijn toegevoegd, verfijnd of veranderd. Regels zijn er omdat we onmogelijk alle woordbeelden kunnen inprenten. Regels moeten dus logisch zijn. Maar bovenal toegankelijk. En daar wringt m.i. het schoentje. Je moet echt al een serieus geavanceerd taalkundig doorzicht hebben (structureel, semantisch, contextueel) om de regels - in het bijzonder die van de hervorming '05 - correct te kunnen toepassen. Daardoor haakt de doorsnee taalgebruiker wanhopig af. Het verschil tussen een samenstelling en samenkoppeling, de mate waarin een leenwoord is ingeburgerd, het onderscheid tussen een samenstelling en een afleiding, een etnische groep en een volk,... Welke jan-met-de-pet vindt daar houvast bij het spellen? Spellingbekwaamheid wordt daardoor helaas een patent van weinigen, maar de taal is van iedereen. De spelling '05 vergroot de bestaande kloof nog meer. Als we de komende generaties graag goed (beter dan nu het geval is) zien spellen, zal er meer tijd en energie in spellingonderwijs gestoken moeten worden. Maar... wie heeft daar nog tijd en energie voor?

"We begrijpen elkaar toch, waarom dan al die heisa", is wellicht de belangrijkste reden waarom de nuchtere Vlaming zich zo weinig druk maakt over spelling (wat ook al zo was voor '95 en '05). En aan- of vaneenschrijven, koppeltekens, hoofdletters of tussenletters belemmeren het minst de leesbaarheid van een tekst. Kan je hen ongelijk geven?


Peter Kleiweg - 2/02/06

Nee Rob Samsom, geschreven taal is géén afspiegeling van gesproken taal. Spraak en schrift zijn beiden realisaties van taal. De enige geschreven weergave van gesproken taal is die in fonetisch schrift, en dat is niet bruikbaar voor een vlotte schriftelijke communicatie.

Spraak en schrift zijn twee systemen die elk naar de meest effectieve manier zoeken taal concreet te maken. Het zijn twee systemen die, elk voor zich, middelen gebruiken die het andere systeem niet tot zijn beschikking heeft. Beide systemen functioneren zonder dat ze voor elke eigenschap uit het andere systeem een equivalent hebben. Spraak functioneert prima zonder spaties, hoofdletters, interpunctie, of morfologisch en historisch vorm-onderscheid. Schrift functioneert prima zonder ritme en beklemtoning en stembuiging, zelfs zonder een apart symbool voor elke spraakklank.

Zowel via de spraak als via het schrift verandert de taal. Daardoor beïnvloeden spraak en schrift elkaar, al zoeken ze deels hun eigen weg. Maar het is niet mogelijk het ene systeem (bijvoorbeeld schrift) geheel te onderwerpen aan het andere systeem (de spraak), zonder dat het ondergeschikt gemaakte systeem daar zwaar onder te lijden heeft.

Taal is niet exact, waardoor op allerlei detailniveaus twijfel over de juiste interpretatie mogelijk is. Daarnaast zit taal vol met redundantie, die er voor zorgt dat bij alle twijfels toch alles op de juiste plaats valt. Daarnaast maakt deze combinatie van redundantie en relatieve vaagheid taal tot een zeer flexibel en doeltreffend systeem.

Wat gebeurt er als je schrift geheel ondergeschikt maakt aan spraak, bijvoorbeeld door klanken die hetzelfde worden uitgesproken ook altijd hetzelfde te spellen? Als je bijvoorbeeld 'nou' en 'nauw' hetzelfde gaat spellen? Je gooit een hoop redundantie weg, zonder er iets voor terug te krijgen, waardoor schrift slechter gaat functioneren.

De eigenschappen die een taalvorm, spraak of schrift, effectief maken zijn ontstaan in het gebruik van taal. Nuttige eigenschappen blijven, nutteloze eigenschappen verdwijnen. Dat wij niet begrijpen wat het nut van een bepaalde eigenschap is wil niet zeggen dat die eigenschap dus geen nut heeft en daarom afgeschaft kan worden. Met een opgelegde spellingsaanpassing ga je rommelen in een systeem dat door zijn ontstaan zijn nut heeft bewezen. Iemand zeggen dat hij anders moet gaan spellen is net zoiets als iemand zeggen dat hij met een ander accent moet gaan spreken, of de klemtonen anders moet gaan leggen. Zo'n ingrijpen in onze spraak dulden we niet. Waarom zouden we dan wel een ingrijpen in ons schrift accepteren?


Geert Aerts - 2/02/06

Vreemd dat mijn reactie van gisteren niet opgenomen werd. (Al had ik het wel enigszins verwacht natuurlijk.) Daarom een reactie van één van mijn collega-leraars Nederlands:

"Dit is ongelooflijk arrogant!!! Dit vraagt om een gelijkaardige reactie!!"
Martine

---

Moderator: Welke reactie van gisteren is niet geplaatst? Ik plaats hier alle reacties, als ze maar met het discussieonderwerp te maken hebben en als ze niet beledigend zijn.


Bart B. Van Bockstaele - 3/02/06

Dat Ruud Hendrickx de spellingsherziening verdedigt, neem ik graag aan. Dat hij er ook echt in gelooft, geloof ik geen halve seconde. Ruud is iemand met een heus denkvermogen. Hij is echter ook Vlaams ambtenaar. Dat heeft zo zijn gevolgen. Vlaamse ambtenaren hebben geen spreekrecht, afwijken van het officiële standpunt dat de Geniale Denkers van de Taalunie in hun splendid isolation hebben bedacht, staat gelijk met carrièrebeëindiging. Ruud is slim genoeg om zich niet te laten slachtofferen. Is het overigens niet opvallend dat de mensen uit het officiële circuit die het hardst tegen de nieuwe spelling protesteren, mensen zijn die fin de carrière zijn? Zij kunnen het zich immers veroorloven.

De nieuwe spelling van de Taalunie is de logica zelve: bij paddestoel is er een tussen-n bijgekomen omdat de paardebloemregel is afgeschaft en de tussen-n verdwijnt uit juttenpeer omdat het plotsklaps een 'versteende uitdrukking' is geworden. Sursum Corda, wat zijn we toch blij met een dergelijke logica.

Een taal is een organisch gegroeid geheel, geen logisch samengesteld, en het is dus logisch dat er onlogische elementen in zitten. Tegelijk heeft Ruud overschot van gelijk als hij stelt dat minder uitzonderingen beter is. Veranderingen doen altijd wel iemand pijn, maar als de samenleving er in haar geheel op vooruitgaat, dan moet dat maar. Deze nieuwe spelling is echter geen verbetering, en ook geen aanvulling, maar een ordinaire verandering. Elk schoolkind zal gedurende zijn schoolcarrière gegarandeerd 1 en vaak 2 spellingsherzieningen door de strot geduwd krijgen.

De Taalunie vertelt dat "we" soms een tussen-s uitspreken en soms ook niet. Wat niet mag voor de tussen-n, mag dus wel voor de tussen-s. Welnu, "we" spreken blijkbaar over spellingherziening, maar "ik" spreek over spellingsherziening.

Of juttepeer werkelijk een versteende uitdrukking is, durf ik te betwijfelen (jawel, ik ben een echte durver) maar ik weet wel zeker dat de schedelinhoud van de heren en excuustruusjes van de Taalunie versteend is.

En Ruud die er voor niets tussenzit, mag de kastanjes uit het vuur halen en het onverdedigbare verdedigen.


Moderator - 3/02/06

Voor alle duidelijkheid: beledigende, anonieme (zonder correct e-mailadres), bedreigende reacties worden hier net zo min geplaatst als reacties die niet of nauwelijks iets met het discussie-onderwerp te maken hebben.


Geert Aerts - 3/02/06

Inderdaad, u heeft mijn reactie geplaatst. Ik speelde blijkbaar iets te kort op de bal, maar op het moment dat ik mijn nieuwe reactie plaatste, was de vorige nog niet verschenen.

In verband met de hele discussie over het nog maar eens aanpassen van de spelling, stuurde ik onlangs de volgende reactie naar "Taalpost", n.a.v. Het Groot Dictee der Nederlandse Taal:

"Het blijft natuurlijk een mooi initiatief, dat Groot Dictee der Nederlandse Taal, al is het maar om iedereen aan te zetten zo juist mogelijk te schrijven.
Alleen ... Wat is nu juist? Welke spelling is nu de juiste?Weet u het nog?
Ik geef een voorbeeldje: als leraar Nederlands worden wij geacht onze leerlingen (13 - 14 jaar) de juiste spelling van de verkleinwoorden aan te leren. In het examen dat ze nu net achter de rug hebben vragen we hen dan ook ons het verkleinwoord van "diner" te geven. "Dineetje" hebben ze geleerd. (Zo staat het in hun schoolboek: Netwerk Nederlands 1 Uitgeverij De Gulden Engel 1998)
Maar ... Bij het verbeteren begin ik zelf te twijfelen: is het nu "dineetje" of "dinertje"? Ik ga dus even op het internet kijken en kom terecht op de webstek van de Nederlandse Taalunie. En wat zie ik daar als enig juiste schrijfwijze van het bovengenoemde verkleinwoord? Inderdaad hoor, "dinertje"!

Dit kan toch echt niet meer. Kan iemand die geleerde professoren van de Nederlandse Taalunie eens vertellen dat het Engels sinds de 13e eeuw zijn spelling niet meer gewijzigd heeft?
Een normaal begaafd mens kan die spelling dan leren en zal er uiteindelijk nauwelijks nog fouten tegen maken. Maar als je om jezelf wat bezig te houden om de vijf jaar de spelling van het Nederlands gaat wijzigen, raakt uiteindelijk niemand er nog wijs uit.

Hoog tijd voor verandering daar aan de top en voor het vastleggen van een (zo logisch mogelijke) spelling waar dan de eerste 100 jaar echt niets meer aan moet veranderen!

Beste groeten

Geert Aerts
Vlaanderen ", waarop ik volgend, volgens mij vrij zwakke, antwoord terugkreeg:
"Geachte heer Aerts,
Mag ik kort antwoorden?
- het Groot Dictee was in de spelling 1995. Dat is zo
duidelijk gezegd in de uitzending. De website waar u
naar verwijst bevat het Groene Boekje van 2005. Daarin
is dineetje inderdaad veranderd in dinertje.
- de spelling verandert niet om de vijf jaar. De enige
wijzigingen sind 1864 zijn die van 1947-53, van 1995
en (al wordt dat officieel geen wijziging genoemd) van
2005
- de Engelse spelling is zo moeilijk dat in het
onderwijs eerst een voorlopige vereenvoudigde versie
wordt aangeleerd. En dan nog blijkt uit het
Pisa-onderzoek dat kinderen die in het Engels hebben
leren schrijven jaren later nog altijd taalachterstend
vertonen. Ik twijfel er sterk aan of de gemiddelde
Engelstalige beter spelt dan de gemiddelde
Nederlandstalige, overigens.
Met vriendelijke groet,
Ludo Permentier"


Wat er ook van zij, het zou misschien niet slecht zijn dat al die hooghartige heren, die misprijzend neerkijken op het "onwetende, egocentrische en egoïstische" klootjesvolk dat hun regels maar voetstoots moet aanvaarden, eens de dagdagelijkse realiteit in het lager en secundair onderwijs meemaakten. Zij zouden dan vlug merken dat leerlingen (en eigenlijk taalgebruikers van alle leeftijden) nood hebben aan standvastigheid, aan logische (!) regels die je kan leren en dan later kan toepassen en dus niet aan snel opeenvolgende veranderingen die misschien wel de boekenverkoop stimuleren, maar niet het juist hanteren van de schrijftaal.

Geert Aerts
Vlaanderen


Frans Vermeulen - 3/02/06

Taal wordt beheerst door natuurwetten die even logisch zijn als deze bij de wiskunde; men mag zelfs stellen dat taal hogere wiskunde is. Taal leert men dus, net als wiskunde, door inzicht en niet door middel van het geheugen. Het niet onderkennen en kennen van die natuurwetten, die aan de oorsprong van de taalverschijnselen liggen, duidt op onbekwaamheid van "taalkundigen", die niettemin willen ingrijpen in deze verschijnselen door ongelukkige spellingsbeteugelingen. Spellingsregels kunnen "goed" zijn als ze maar niet in botsing komen met de betrokken natuurwetten, anders schaden ze aan de natuur of de "logika" van de taal. Versimpelingshervormingen behoren tot de ergste soort, omdat hierdoor de taal meer en meer van haar wortels wordt afgesneden, met steeds meer verlies aan inzicht tot gevolg. Diegenen die beweren dat taal toch niet logisch is, geven toe dat ze niets van de taalwetten begrijpen en dus onbekwaam zijn voor het beoordelen van taalregels, laat staan het ontwerpen van nieuwe. Onbekwaamheid viert jammer genoeg nog altijd hoogtij bij de laatste spellingshervorming, omdat taalkundigen, die kunnen bewijzen dat ze de taalwetten door en door kennen, niet of nauwelijks nog aan bod kunnen komen. Inzicht in de taalwetten verkrijgt men niet door een "doctoraatstitel", want menig "doctoraatstitel" in de taal wordt uitgereikt door lieden die die wetten zelf niet eens blijken te kennen. Zo gaat de taal iedere spellingshervorming enkele schreden achteruit en is het dus beter er met onbekwame "poten" vanaf te blijven tot men behoorlijk inzicht heeft verworven; dàt is trouwens de enige reden waarom bij bepaalde buurtalen die hervormingen, wijselijk, zo lang mogelijk achterwege gelaten worden. De uitgesponnen taalwetten kan men moeilijk weergeven in het beperkt bestek van dit redeneer- of redetwist"forum", wel kan dergelijk "forum" of schrijfronde nuttige gegevens en/of aanknopingen opleveren voor "bevoegden" die hun kennis willen bijspijkeren tot werkelijk bevoegden in dienst van een nuttig taalbeleid.


Peter Kleiweg - 3/02/06

Ik lees her en der nogal wat kritiek op de taalkundigen. Taal zou zich zelfs onttrekken aan de wetenschap. Dat is natuurlijk niet zo. De taalkunde is een brede en diepgaande tak van wetenschap. De taak van de taalkundige is onder andere het registreren van taaleigenschappen en het zoeken naar wetmatigheden, regels die die eigenschappen verklaren.

Voor zover er taalkundigen betrokken zijn bij de spellinghervormingen doen zij iets wat zeer kwalijk is. Zij verzinnen regels en passen de taal aan aan die regels. Dat heeft niets meer met taalkunde te maken. Zulke mensen geven de taalwetenschap een slechte naam.


Berend Willem Hietbrink - 3/02/06

"Ik plaats hier alle reaktie" schrijft mijnheer de moderator. Dat is dus pertinent een leugen. Mijn allerbeste reaktie ooit werd niet geplaatst. De koptitel van de discussie. "Wie de nieuwe spelling niet wil, denkt.... vooral niet aan ons" En zo zien in de commentaren dus ook de meeste discussiegangers het.
Ik begrijp dat u er de meest pijnlijke waarheidsreaktie's uitzeeft... Maar we leven in een tijd dat ook een minster zegt dat politiek een vuil vunzig bedrijf is.
Vooral als Hietbrink een woordbeeld uitleg toevoegt werd dat niet gelpaatst, omdat de Nederlandse taalunie de baas over alle woorden speelt.
Ik wens de uitleg van het woordbeeld "Paardenbloem=behaarde-bloem" eindelijk eens als een werkelijk nieuws feit geplaatst zien. Dat toont tevens U zeer valse en onsportieve instelling. Hietbrink is en blijft autodidakt dialekt-diets. Niet zo maar zoo !...ooit komen we elkaar nog wel eens langs een andere weg tegen. Ik was deze maandag op de universiteit in Rijsel. Daar kun je de werken van Hietbrink studeren. Djakarta, Kaapstad, Cluj Napocha en Londen en Brussel... En U zwijgt mij liefst dood. U moest eens weten... ? wat Hietbrink allemaal wel weet. Gevaarlijk he! Ja inderdaad U maakt mij steeds gevaarlijker!!!

---

Reactie moderator:
Nou vooruit dan, Hietbrink, ik plaats maar weer eens een keer een van uw vele reacties. Hoe interessant uw 'nieuwsfeit' "Paardenbloem=behaarde-bloem" ook moge zijn, het heeft niets met het discussie-onderwerp te maken. Tip: begin gewoon een eigen website. Over en sluiten maar.


Peter Kleiweg - 3/02/06

Ludo Permentier zou geschreven hebben: "de Engelse spelling is zo moeilijk dat in het onderwijs eerst een voorlopige vereenvoudigde versie wordt aangeleerd." In welk onderwijs? Ik heb op school direct de juiste, Britse spelling aangeleerd. Van een vereenvoudigde spelling is mij niets bekend. Het aanleren van een foute spelling lijkt mij sowieso nogal contra-productief.

Ik vond het leren schrijven van Engels lastig, maar niet lastiger dan Duits of Frans of Deens. In het begin is het gewoon woordjes stampen, met de daarbij behorende spelling. Na een tijdje wen je aan het patroon en de eigenaardigheden van de schrijftaal, of dat nu dicht bij de uitspraak staat of niet.


Peter - 4/02/06

Een blog over de nieuwe spelling: http://spelling.skynetblogs.be


Peter - 4/02/06

Liesbet Jacobs ziet het blijkbaar van de zonnige kant: "Zolang iedereen consistent eenzelfde woordbeeld gebruikt, is er weinig of geen probleem. Dus hoop ik dat we deze uniforme spelling met z'n allen gebruiken."
Welke uniforme spelling? Een spelling die om de tien jaar wordt veranderd, kun je niet meer uniform noemen.
Met zulke vaak voorkomende veranderingen creëer je alleen maar geïsoleerde Japanse soldaten: die wisten ook decennia later nog niet, dat de Tweede Wereldoorlog gedaan was.
En niet zomin zullen veel mensen zich aan die nieuwe spelregels aanpassen. Want wat kan de Spellingcommissie of de Taalunie daaraan doen? Ze kan toch niet een leger adviseurs op pad steuren, die achter heggen en struiken staan te loeren om spellingvandalen te bespringen om hen tot betere gedachten te brengen?
En ze kunnen toch niet onderzoekscommissies instellen die te lande een inquisitie uitvoeren naar spellingen die niet recht in de regel zijn?
Als de spelling om de tien jaar wordt veranderd, is correct spellen een verloren zaak.


Charles Corten - 4/02/06

In verschillende reacties wordt gemeld dat taal verandert door de spelling ervan te wijzigen. Dat lijkt me echt onzin. Spelling berust op een stel (vrij willekeurige) afspraken over de manier waarop taal op schrift kan worden gesteld: deze klank geven we zus weer, deze zo, enzovoorts. Even een nieuwe spellingwijziging doorvoeren? We kunnen afspreken dat we vanaf nu een 'a' als 'xx' gaan weergeven. Dxxn verxxndert er wel iets xxxxn het uiterlijk van txxxxl op schrift. Mxxxxr xxxxn de txxxxl zelf verxxndert echt niets.


robert - 4/02/06

"Zolang iedereen consistent eenzelfde woordbeeld gebruikt..(...)"

"Taal zou zich zelfs onttrekken aan de wetenschap. Dat is natuurlijk niet zo."

Bij deze twee opmerkingen vraag ik mij af:

...,waar de taal eigenlijk vandaan komt. Elk woord (met passie) geschreven of uitgesproken - hoe dan ook (xxk) - doet iets. Het is beter te weten wat een woord doet (iets) en dan pas te kijken naar hoe het woord geschreven wordt.

Ik het gevoel heb dat bijna iedereen het omdraait: eerst het verstand - hoe een woord geschreven wordt - dan pas wat het woord doet. ( (...)...of taal)

Nu dat is tegen de regels van creatief taalgebruik; of tegen de regels van gepassioneerd taalgebruik. Het fenomeen taal wordt er niet beter van door met strengere regels te komen. Hooguit zal de wetenschap geïnteresseerd zijn in waar het fenomeen taal vandaan komt. Nu, of je dit nu op een fenomenologische, Lacaniaanse of cognitieve intelligente manier doet, taal blijft een gepassioneerde en onwetenschappelijke handeling.

Op het moment dat iemand gepassioneerd, emotioneel rationeel (om deze toch wel algemeen geaccepteerde uitdrukking te gebruiken) over taal spreekt, beïnvloed t hij of zij, direct de taal.

Vandaar dat ik blij ben dat ‘niet’ iedereen consistent de taal gebruikt,… of het aan de waslijn van de wetenschap wil hangen ( “ ). De commissie doet er goed aan hun werkzaamheden op te schorten en eens een stevig discours te beginnen met diegene die gepassioneerd gereageerd hebben op hun besluiten.

Ik moet vaak denken aan Peter Handke Macht door de taal: Taalsystemen ziet hij als een machtssysteem die de autonomie van de mens bedreigen. De mens wordt door de taalcommissies gedomineerd en kan alleen nog die woorden en gedachten gebruiken die door de maatschappij en media aan hem worden opgedrongen.


Johan Nijhof - 5/02/06

In principe heeft Corsten wel gelijk, maar toch zijn er verschillende gevallen waarin de spelling wel degelijk tot taalverandering leidt. Ik heb ze in andere discussies reeds genoemd.

We kennen b.v. het fenomeen van de spellinguitspraak. Een woord als “langzaam”, dat nog voor kort algemeen werd uitgesproken als “lanksaam”, zoals het is samengesteld en in de Middeleeuwen ook geschreven werd (lancsaam), wordt door steeds meer mensen als langzaam uitgesproken. Dat kan alleen de invloed van de spelling maar zijn.

Negentiende-eeuwse ideeën over de spelling van de stemloze d in woorden als boud, hebben geleid tot het lelijke: boute beweringen, bijdehante kinderen, en niet in de laatste plaats van “Amersvoorders” Amersfoorters gemaakt.

De voorgeschreven vorm “koningin” heeft het even inheemse en oorspronkelijke “konigin” verdreven tot een als plat of dialectisch ervaren vorm.

Het blijft toch zo, dat een spellingcommissie zou moeten oppassen met de consequenties van spellingwijziging voor de uitspraak.

Een wat op zichzelf staand fenomeen is de accentverschuiving in lang gelede